Toelichting op de enkelvoudige balans en resultatenrekening
1. Algemene toelichting
1.1 Activiteiten
De activiteiten van DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. (‘DELA Natura’), statutair gevestigd in Eindhoven, Oude Stadsgracht 1, KvK-nummer 17078393 bestaan uit verzekeren en beleggen. De verzekeringsproducten betreffen uitvaartverzekeringen, overlijdensrisicoverzekeringen en spaarverzekeringen. De verzekeringsactiviteiten vinden plaats in Nederland, België en Duitsland. Alle beleggingsactiviteiten voor DELA Natura worden in Nederland verricht.
1.2 Verbonden partijen
Als verbonden partij worden alle rechtspersonen aangemerkt waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen, worden aangemerkt als verbonden partij. Ook de commissarissen, statutaire directieleden, andere sleutelfunctionarissen in het management van DELA Natura en nauwe verwanten zijn verbonden partijen. De overige groepsmaatschappijen binnen de groep van DELA Coöperatie U.A., waarvan DELA Natura deel uitmaakt, worden ook als verbonden partijen aangemerkt.
Transacties van betekenis met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transactie en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van het inzicht. Inzake overlijdens die bij DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. worden gemeld, wordt de uitvoering in beginsel verzorgd door DELA Uitvaartverzorging N.V. of haar dochtermaatschappijen. Deze uitvoering geschiedt tegen vaste verrekenprijzen. Tevens verhuurt dochteronderneming DELA Crematoria Groep B.V. crematoria en uitvaartcentra aan DELA Uitvaartverzorging N.V. De huur wordt bepaald op basis van rendementseis. Daarnaast heeft DELA Natura een rekening courantverhouding met DELA Holding N.V.
1.3 Geconsolideerde cijfers
DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. maakt gebruik van de vrijstelling tot consolidatie volgens artikel 2:408 BW (vrijstelling van tussenconsolidatie). Dit omdat de financiële gegevens die de rechtspersoon zou moeten consolideren zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van DELA Coöperatie U.A. De jaarrekening, met daarin de geconsolideerde cijfers van DELA Coöperatie U.A. is verkrijgbaar via de Kamer van Koophandel.
1.4 Kasstroomoverzicht
DELA Natura maakt gebruik van de vrijstelling in RJ 360. Deze stelt dat een (middel)grote rechtspersoon een kasstroomoverzicht moet opstellen, tenzij het kapitaal van de rechtspersoon direct of indirect volledig wordt verschaft door een andere rechtspersoon die een gelijkwaardig kasstroomoverzicht opstelt dat is opgenomen in een geconsolideerde jaarrekening die in Nederland bij het handelsregister gedeponeerd wordt. De jaarrekening, met daarin het kasstroomoverzicht van DELA Coöperatie U.A. is verkrijgbaar via de Kamer van Koophandel.
1.5 Schattingen
Om de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat de directie zich over verschillende zaken een oordeel vormt en dat de directie schattingen maakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het in art. 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen in de toelichting op de betreffende posten. Deze schattingen zijn naar beste weten door de directie gemaakt, maar de daadwerkelijke uitkomsten kunnen uiteindelijk afwijken van die schattingen.
De belangrijkste schattingen hebben betrekking op:
- de waardering van beleggingen: onroerende zaken, vastgoedfondsen, infrastructuurfondsen, land- en bosbouwfondsen en participatiemaatschappijen (zie ook hoofdstuk 4.2);
- de gehanteerde grondslagen voor de technische voorzieningen (zie ook hoofdstuk 2.12);
- de waardering van de niet-technische voorzieningen (zie ook hoofdstuk 2.13);
- de waardering van latente belastingvorderingen (zie hoofdstuk 4.3).
1.6 Aanpassing vergelijkende cijfers
Enkele jaren geleden heeft de overname van Yarden plaatsgevonden. Deze overname vond plaats op 2 augustus 2021, waarbij de technische voorzieningen zijn gewaardeerd op reële waarde conform de purchase accounting methode per 31 juli 2021. Door een rentedaling tussen deze data was de waardering van de technische voorziening te laag. DELA had tot 2025 gekozen om deze niet-materiële afwijking niet te verwerken. DELA heeft dit standpunt nu heroverwogen en besloten dit alsnog te doen. Voor het inzicht en de vergelijkbaarheid van de cijfers in de jaarrekening van 2025 is gekozen om de correctie op retrospectieve wijze te verwerken.
Voorgaand jaar waren de vorderingen op tussenpersonen en polishouders ten onrechte onder de Overige vorderingen opgenomen. Om het inzicht in de jaarrekening te vergroten hebben we een balansverschuiving tussen Overige vorderingen en Vorderingen uit directe verzekering doorgevoerd.
| Bedragen x € 1.000 | Jaarrekening 2024 | Aanpassing vergelijkende cijfers |
Balans-verschuiving | Jaarrekening 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Correcties in de balans | |||||
| Bruto technische voorzieningen | 8.595.864 | 9.973 | 8.605.837 | ||
| Vorderingen uit directe verzekering | -290 | 3.918 | 3.628 | ||
| Overige vorderingen (latente belastingvorderingen technische voorziening) | 196.779 | 2.573 | -3.918 | 195.434 | |
| Overige reserves | 513.092 | -7.400 | 505.692 | ||
| Correcties in de resultatenrekening | |||||
| Wijziging technische voorzieningen eigen rekening (bruto) | -288.603 | 333 | -288.270 | ||
| Belastingen resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening | 5.574 | -86 | 5.488 | ||
| Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening na belasting | 178.610 | 247 | 178.857 |
1.7 Opmaken en vaststellen jaarrekening
DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. maakt gebruik van de vrijstelling tussenconsolidatie als bedoeld in artikel 2:408 BW. De financiële gegevens van de vennootschap en haar dochtermaatschappijen zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van DELA Coöperatie U.A.
De jaarrekening 2025 is opgemaakt door de directie op 22 april 2026 en zal op het moment van publicatie zijn vastgesteld in de algemene vergadering van 30 mei 2026. De jaarrekening 2024 is in de algemene vergadering van 24 mei 2025 vastgesteld.
2. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
2.1 Algemeen
De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving (RJ), inclusief de voor verzekeraars van toepassing zijnde RJ605. Dit op basis van continuïteitsveronderstellingen.
De waardering en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten tenzij anders vermeld. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd, tenzij anders vermeld. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn.
De gehanteerde grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd gebleven ten opzichte van het voorgaande jaar.
2.2 Vreemde valuta
2.2.1 Functionele valuta
De posten in de jaarrekening worden gewaardeerd met inachtneming van de valuta van de economische omgeving waarin de groepsmaatschappij voornamelijk haar bedrijfsactiviteiten uitoefent (de functionele valuta). De euro is de functionele en presentatievaluta van DELA Natura.
2.2.2 Omrekening van vreemde valuta
Transacties in vreemde valuta gedurende de verslagperiode zijn in de jaarrekening verwerkt tegen de koers op transactiedatum. Activa en passiva in vreemde valuta die op actuele waarde worden gewaardeerd, worden omgerekend tegen de koers per balansdatum. Koersverschillen die optreden bij de afwikkeling van monetaire posten zijn in de resultatenrekening verwerkt in de periode dat zij zich voordoen.
Activa die volgens de verkrijgingsprijs worden gewaardeerd in een vreemde valuta, worden omgerekend tegen de wisselkoers op de transactiedatum (of de benaderde koers).
2.3 Herverzekeringscontracten
Herverzekering wordt ingezet voor onze overlijdensrisicoverzekeringen middels een combinatie van quota share en excedent herverzekeringscontracten. Doel is de kans op schommelingen in het operationeel resultaat verkleinen. Uit hoofde van met herverzekeraars afgesloten contracten wordt DELA Natura gecompenseerd voor verliezen op uitgegeven verzekeringscontracten.
Herverzekeringspremies, provisies en uitkeringen evenals technische voorzieningen voor herverzekeringscontracten worden op dezelfde wijze verantwoord als de directe verzekeringen waarvoor de herverzekeringen zijn afgesloten. Het aandeel van herverzekeraars in de technische voorzieningen waartoe DELA Natura uit hoofde van haar herverzekeringscontracten gerechtigd is, wordt in mindering gebracht op de bruto technische voorzieningen. De kortlopende vorderingen op herverzekeraars zijn opgenomen onder de vorderingen.
De waardering van door en aan herverzekeraars verschuldigde bedragen geschiedt in overeenstemming met de voorwaarden van de herverzekeringscontracten. Verplichtingen uit herverzekering betreffen voornamelijk te betalen premies.
De vorderingen uit hoofde van herverzekeringscontracten worden op de balansdatum beoordeeld op eventuele bijzondere waardeverminderingen.
2.4 Immateriële vaste activa
De immateriële vaste activa worden gewaardeerd op het bedrag van de verkrijgingsprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen vinden lineair plaats over de economische levensduur. De economische levensduur wordt aan het einde van het boekjaar opnieuw beoordeeld. Bij eventuele significante wijzigingen wordt de afschrijvingstermijn herzien. Voor de kosten van interne ontwikkeling wordt een wettelijke reserve gevormd ter hoogte van het geactiveerde bedrag.
Om vast te stellen of er voor een immaterieel vast actief sprake is van een bijzondere waardevermindering wordt verwezen naar paragraaf 2.8.
2.4.1. Overgenomen verzekeringsportefeuilles
De toekomstige kasstromen van overgenomen verzekeringsportefeuilles zijn gewaardeerd tegen de op het moment van verkrijging vastgestelde reële waarde. Deze waarde is bepaald op basis van het bedrag dat betaald zou worden tussen onafhankelijke partijen die ter zake goed geïnformeerd zijn en tot transactie bereid zouden zijn. Deze waarde wordt lineair afgeschreven op basis van de verwachte economische levensduur, welke jaarlijks wordt beoordeeld. De huidige verwachte levensduur van overgenomen verzekeringsportefeuilles is 20 jaar, gerekend vanaf overnamedatum.
2.4.2. Concessies en vergunningen
Kosten van concessies en vergunningen worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs en lineair afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur met een maximum van 20 jaar.
2.4.3. Softwaresystemen
Uitgaven voor ontwikkeling van software worden geactiveerd als onderdeel van de vervaardigingsprijs als het waarschijnlijk is dat economische voordelen zullen worden behaald en de kosten betrouwbaar kunnen worden vastgesteld. Investeringen in softwaresystemen worden geactiveerd en lineair afgeschreven over de verwachte levensduur met een maximum van 10 jaar.
2.5 Beleggingen
Hieronder wordt per beleggingscategorie de grondslag van waardering en resultaatbepaling beschreven. Het merendeel van de beleggingen wordt gewaardeerd tegen actuele waarde. Waar een nadere toelichting nodig is op de actuele waarde, is deze in hoofdstuk 4 bij de toelichting op de balanspost gegeven. Zowel ongerealiseerde als gerealiseerde winsten en verliezen ten gevolge van verkopen en waardeveranderingen van beleggingen worden in de resultatenrekening verantwoord. Transactiekosten samenhangend met de aan- of verkoop van beleggingen worden rechtstreeks in de resultatenrekening verantwoord. Aan- en verkopen van effecten vinden plaats op transactiedatum.
2.5.1 Deelnemingen
Deelnemingen waarin invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd volgens de nettovermogenswaardemethode. Wanneer 20 procent of meer van de stemrechten uitgebracht kan worden, is er sprake van een wettelijk vermoeden van invloed van betekenis.
De nettovermogenswaarde wordt berekend volgens de grondslagen die gelden voor deze jaarrekening; voor deelnemingen waarvan onvoldoende gegevens beschikbaar zijn voor aanpassing aan deze grondslagen, wordt uitgegaan van de waarderingsgrondslagen van de desbetreffende deelneming.
Indien de waardering van een deelneming volgens de nettovermogenswaarde negatief is, wordt deze op nihil gewaardeerd. Indien en voor zover DELA Natura in deze situatie geheel of gedeeltelijk instaat voor de schulden van de deelneming, wordt een voorziening getroffen. De eerste waardering van deelnemingen is gebaseerd op de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva op het moment van acquisitie. Daarna worden, uitgaande van de waarde bij eerste waardering, de grondslagen toegepast die gelden voor deze jaarrekening.
Deelnemingen waarop geen invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Indien sprake is van een duurzame waardevermindering vindt waardering plaats tegen de realiseerbare waarde. Afwaardering vindt plaats ten laste van de resultatenrekening.
De onder financiële vaste activa opgenomen vorderingen op deelnemingen worden gewaardeerd tegen de reële waarde van het verstrekte bedrag, gewoonlijk de nominale waarde, onder aftrek van noodzakelijk geachte voorzieningen.
2.5.2 Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren
Aandelen worden gewaardeerd tegen reële waarde aan de hand van officiële noteringen in de financiële markten. Waardemutaties worden direct in de winst- en verliesrekening verantwoord.
2.5.3 Obligaties en andere vastrentende waardepapieren
Obligaties worden gewaardeerd tegen reële waarde aan de hand van officiële noteringen in de financiële markten.
2.5.4 Vorderingen uit hypothecaire leningen
Vorderingen uit hypothecaire leningen worden gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. De directe kosten die samenhangen met het verstrekken van een hypothecaire lening worden opgenomen als aankoopkosten. Zij zijn onderdeel van de geamortiseerde kostprijs en worden geactiveerd op de balans. Op balansdatum wordt beoordeeld of er objectieve waarnemingen zijn voor bijzondere waardeverminderingen van de vorderingen uit hypothecaire leningen. Indien dit het geval is, dient dit verlies verantwoord te worden in de resultatenrekening.
2.5.5 Derivaten
DELA Natura heeft valutatermijncontracten die worden gewaardeerd tegen reële waarde. De winst of het verlies uit de herwaardering naar reële waarde per balansdatum wordt onmiddellijk in de winst-en-verliesrekening verwerkt. Het betreft niet-beursgenoteerde stukken en deze worden gewaardeerd op basis van financiële modellen, de 'mark-to-model' methode. Indien afgeleide financiële instrumenten een negatieve waarde hebben, worden deze op de balans gerubriceerd onder de overlopende passiva.
2.5.6 Vorderingen uit andere leningen
De beleggingen in bedrijfsleningen worden gewaardeerd tegen reële waarde.
Overige leningen hebben een vastgestelde rente en worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs onder aftrek van een voorziening voor oninbaarheid.
2.5.7 Vastgoed-, infrastructuur-, land- en bosbouwfondsen
Participaties in vastgoed- infrastructuur-, land- en bosbouwfondsen worden gewaardeerd tegen reële waarde. Deze post bevat beleggingen zonder frequente marktnotering. In hoofdstuk 4.2 wordt een nadere toelichting gegeven op de waarderingsmethode. Waardemutaties worden direct in de winst- en verliesrekening verantwoord. Voor de cumulatieve ongerealiseerde positieve waarde wordt een herwaarderingsreserve gevormd waarbij rekening gehouden wordt met latente belastingen.
2.5.8 Hypotheekfondsen
Participaties in hypotheekfondsen worden gewaardeerd tegen reële waarde. Deze post bevat beleggingen zonder frequente marktnotering. In hoofdstuk 4.2 wordt een nadere toelichting gegeven op de waarderingsmethode. Waardemutaties worden direct in de winst- en verliesrekening verantwoord. Voor de cumulatieve ongerealiseerde positieve waarde wordt op fondsniveau een herwaarderingsreserve gevormd waarbij rekening gehouden wordt met latente belastingen.
2.5.9 Beleggingen in liquide middelen
Beleggingen in liquide middelen worden gewaardeerd tegen reële waarde die gelijk is aan de nominale waarde.
2.5.10 Andere financiële beleggingen
De andere financiële beleggingen worden gewaardeerd tegen reële waarde. Deze post bevat beleggingen zonder frequente marktnotering. In hoofdstuk 5.2 wordt een nadere toelichting gegeven op de waarderingsmethode. Waardemutaties worden direct in de winst- en verliesrekening verantwoord. Voor de cumulatieve ongerealiseerde positieve waarde wordt een herwaarderingsreserve gevormd waarbij rekening gehouden wordt met latente belastingen.
2.5.11 Beleggingsresultaten
De items uit de resultatenrekening hieronder vormen samen de totale beleggingsresultaten. Aan niet-technische rekening toegerekende opbrengst op beleggingen wordt bepaald door de beleggingsresultaten te vermenigvuldigen met de verhouding van het gemiddelde eigen vermogen ten opzichte van het gemiddelde totaal vermogen per land.
2.5.11.1 Beleggingsopbrengsten
Onder beleggingsopbrengsten worden begrepen:
- huuropbrengsten uit beleggingen in onroerende zaken;
- resultaten uit deelnemingen;
- dividenden van aandelen;
- interest op beleggingen in vastrentende waarden;
- gerealiseerde winst bij verkoop van beleggingen.
Rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen.
2.5.11.2 Ongerealiseerde resultaten op beleggingen
De ongerealiseerde resultaten zijn afkomstig uit waardeveranderingen van effecten en onroerende zaken.
2.5.11.3 Beheerskosten en rentelasten
Onder de beheerskosten en rentelasten vallen:
- beheerkosten van beleggingen in onroerende zaken;
- beheer- en bewaarkosten van aandelen en obligaties;
- rentelasten.
2.5.11.4 Gerealiseerd verlies op beleggingen
Gerealiseerde verliezen van financiële instrumenten die op marktwaarde gewaardeerd zijn, worden verwerkt in de resultatenrekening.
2.6 Vorderingen
De vorderingen worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor mogelijke verliezen als gevolg van oninbaarheid worden in mindering gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen.
Latente belastingvorderingen worden opgenomen voor tijdelijke verschillen tussen de waarde van de activa en de passiva volgens fiscale voorschriften enerzijds en de in deze jaarrekening gevolgde waarderingsgrondslagen anderzijds. Daarnaast is een latente belastingvordering opgenomen voor verrekenbare verliezen. Latente belastingvorderingen worden opgenomen voor zover het waarschijnlijk wordt geacht dat er voldoende toekomstige fiscale winst beschikbaar zal zijn. De berekening van de latente belastingvorderingen op nominale waarde geschiedt tegen de op het einde van het verslagjaar geldende belastingtarieven of tegen de in de komende jaren geldende tarieven, voor zover reeds bij wet vastgesteld dan wel waartoe materieel reeds op balansdatum besloten is.
2.7 Materiële vaste activa
De materiële vaste activa zijn opgenomen tegen de aanschafwaarde verminderd met afschrijvingen op basis van de verwachte levensduur, rekening houdend met de eventuele restwaarde. De afschrijving vindt lineair plaats, de afschrijvingstermijnen zijn als volgt:
- inventaris: 10 jaar
- laptops: 4 jaar
- IT-apparatuur: 5 jaar
2.8 Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa
Door DELA Natura wordt op balansdatum beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat een vast actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig is geweest. Indien dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief vastgesteld. Indien het niet mogelijk is de realiseerbare waarde voor het individuele actief te bepalen, wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort. Hierbij wordt gebruik gemaakt van schattingen. Van een bijzondere waardevermindering is sprake als de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde is de hoogste van de opbrengstwaarde en de bedrijfswaarde.
Indien wordt vastgesteld dat een bijzondere waardevermindering die in het verleden verantwoord is, niet meer bestaat of is afgenomen, wordt deze bijzondere waardevermindering teruggedraaid tot maximaal de boekwaarde die bepaald zou zijn indien geen bijzondere waardevermindering voor het actief zou zijn verantwoord.
Ook voor financiële instrumenten beoordeelt DELA Natura op iedere balansdatum of er objectieve aanwijzingen zijn voor bijzondere waardeverminderingen van een financieel actief of een groep van financiële activa. Bij aanwezigheid van objectieve aanwijzingen voor bijzondere waardeverminderingen wordt de omvang van het verlies uit hoofde van de bijzondere waardeverminderingen bepaald en direct verwerkt in de resultatenrekening.
Bij financiële activa die gewaardeerd zijn tegen aflossingswaarde, wordt de omvang van de bijzondere waardevermindering bepaald als het verschil tussen de boekwaarde van het actief en de best mogelijke schatting van de toekomstige kasstromen, contant gemaakt tegen de effectieve rentevoet van het financiële actief zoals die is bepaald bij de eerste verwerking van het instrument. Eventuele terugname van het waardeverminderingsverlies wordt beperkt tot maximaal het bedrag dat nodig is om het actief te waarderen op de geamortiseerde kostprijs. Het teruggenomen verlies wordt dan in de resultatenrekening verwerkt. Een waardeverminderingsverlies op goodwill zal in de toekomst niet meer worden teruggenomen.
2.9 Liquide middelen
Liquide middelen bestaan uit kas en banktegoeden. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen als kortlopende schulden onder schulden aan kredietinstellingen. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
2.10 Overlopende activa
De vorderingen worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. De reële waarde en de geamortiseerde kostprijs wordt gelijkgesteld aan de nominale waarde. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor mogelijke verliezen als gevolg van oninbaarheid worden in mindering gebracht.
2.11 Winstdeling
Of en hoe winstdeling in het kader van ons DELA Uitvaartplan kan worden toegekend, wordt op voordracht van de groepsdirectie vastgesteld door de algemene vergadering van coöperatie DELA. Het evenwicht tussen een gezonde solvabiliteit, voldoende eigen vermogen en winstdeling is voor de financiële gezondheid van onze coöperatie hierbij van belang. De hoogte van de winstdeling wordt actuarieel berekend. Binnen de met de algemene vergadering afgestemde uitgangspunten wordt de hoogte van het bedrag aan jaarlijkse winstdeling door de groepsdirectie zelf vastgesteld. Een eventueel afwijkend winstdelingsvoorstel dient op voordracht van de groepsdirectie te worden goedgekeurd door de algemene vergadering. De verwerking van de eventuele winstdeling vindt vervolgens plaats via de post technische voorzieningen. De toevoeging van het bedrag dat DELA Natura onder de technische voorzieningen voor winstdeling heeft bestemd, geschiedt ten laste van het resultaat.
2.12 Technische voorzieningen
2.12.1 Algemeen
Het bepalen van de technische voorzieningen is een proces dat van nature wordt omgeven met onzekerheden. De werkelijke uitkeringen zijn afhankelijk van factoren zoals sociale, economische en demografische trends, inflatie, beleggingsrendementen, gedrag van polishouders en aannames over de ontwikkeling van sterfte. Het gebruik van andere aannames voor deze factoren dan de tariefsgrondslagen die nu in de jaarrekening zijn gebruikt, zou een materieel effect kunnen hebben op de technische voorzieningen en verzekeringstechnische lasten (zie ook 4.8.1 toereikendheidstoets).
2.12.2 Uitvaartverzekeringen
Voor uitkeringen uit hoofde van verzekeringspolissen die naar verwachting in de toekomst worden gedaan, wordt een verplichting opgenomen zodra de polis van kracht is. De verplichtingen voor uitvaartverzekeringen voor eigen rekening en risico bestaan uit de (met tariefsinterest) verdisconteerde waarde van de (op basis van tariefsterfte) verwachte toekomstige uitkeringen (inclusief reeds toegekende winstdeling) aan polishouders of andere begunstigden, onder aftrek van toekomstige premies.
De technische voorziening voor het DELA UitvaartPlan is berekend volgens de zuivere nettomethode tegen 2,75 procent interest en op basis van de door het Actuarieel Genootschap gepubliceerde overlevingstafel GBMV 1995-2000, waarbij gebruik wordt gemaakt van grondslagen met betrekking tot sterfte en interest. Voor verzekeringen tegen tijdelijke premiebetaling is de rekenrente voor de periode na einddatum premiebetaling 2 procent.
Voor de technische voorzieningen van de in 2021 overgenomen Yarden-portefeuille worden grondslagen gehanteerd die behoren bij een waardering op reële waarde ten tijde van de overnamedatum. De rekenrente is gemiddeld 1,3 procent en de sterfte is gebaseerd op de prognosetafel 2020 van het Koninklijk Actuarieel Genootschap. Ook is rekening gehouden met onnatuurlijk verval, gebaseerd op ervaringscijfers en met het actuele kostenniveau op het moment van overname. Daarnaast is er een additionele voorziening inzake de Yarden-portefeuille. DELA heeft op het moment van de overname gegarandeerd dat nabestaanden de eerste 10 jaren na de overname het tekort aan inflatie niet hoeven te betalen. Deze tekorten zijn op het moment van overname ingeschat en verdisconteerd met als resultante de reële waarde van deze toezegging.
Het overgrote deel van de technische voorziening voor uitvaartverzekeringen voor eigen rekening en risico zoals gesloten in België is berekend volgens de zuivere nettomethode tegen de gebruikelijke interestvoeten en overlevingstafels ten tijde van de ingangsdata van de polissen, waarbij gebruik wordt gemaakt van grondslagen met betrekking tot sterfte en interest. De verwachte uitkeringen zijn gebaseerd op de grondslagen van het tarief zoals dat is vastgesteld bij het afsluiten van de polis.
De technische voorziening voor DELA Sorgenfrei Leben wordt berekend volgens de zuivere nettomethode tegen 2 procent interest. De sterftekansen zijn gebaseerd op sterftetafels zoals geproduceerd door de Deutsche Aktuarvereinigung.
Voor de technische voorzieningen van de in 2022 overgenomen verzekeringsportefeuille in Duitsland worden grondslagen gehanteerd die behoren bij een waardering op reële waarde ten tijde van de overnamedatum. De rekenrente is gemiddeld 2,5 procent en de sterfte is gebaseerd op de prognosetafel 2022 van het Koninklijk Actuarieel Genootschap.
2.12.3 Overlijdensrisicoverzekering
Voor het DELA LeefdoorPlan wordt de technische voorziening berekend volgens de zuivere nettomethode tegen 3 procent interest en op basis van de prognosetafels zoals deze ten tijde van de introductie van het tarief door het Koninklijk Actuarieel Genootschap zijn gepubliceerd.
De technische voorziening DELA Activ Leben wordt berekend volgens de zuivere netto methode tegen 3 procent interest. De sterftekansen zijn gebaseerd op sterftetafels zoals ten tijde van de introductie geproduceerd door de Deutsche Aktuarvereinigung.
2.12.4 Spaarverzekeringen
Voor het DELA CoöperatiespaarPlan wordt de technische voorziening berekend volgens de opgebouwde poliswaarde op grond van de ingelegde spaarpremies, de reeds toegekende winstaandelen alsmede de interestvoet behorende bij het tarief.
2.12.5 Premies
De premies bevatten opslagen voor dekking van de kosten. Wanneer de premies worden ontvangen of invorderbaar zijn geworden, vallen de opslagen vrij en zijn deze beschikbaar voor dekking van de werkelijke kosten, waaronder begrepen doorlopende kosten en acquisitiekosten.
2.12.6 Acquisitiekosten
De geactiveerde acquisitiekosten worden op de voorziening in mindering gebracht.
2.13 Voorzieningen
2.13.1 Algemeen
Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten.
De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, tenzij anders vermeld.
Wanneer de verwachting is dat een derde de verplichtingen vergoedt en wanneer het waarschijnlijk is dat deze vergoeding zal worden ontvangen bij de afwikkeling van de verplichting, wordt deze vergoeding als een actief in de balans opgenomen.
2.13.2 Voorziening jubilea
De voorziening jubilea wordt opgenomen voor verwachte jubileumuitkeringen gedurende het dienstverband (25 jaar in dienst en 40 jaar in dienst) en bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Bij de bepaling van de voorziening wordt rekening gehouden met toekomstige uitstroomkansen. Deze zijn gebaseerd op ervaringscijfers. De impact van looninflatie en verdiscontering wordt buiten beschouwing gelaten van de verwachte uitkeringen, aangezien deze per saldo niet materieel is.
2.13.3 Latente belastingverplichtingen
Voor in de toekomst te betalen belastingbedragen uit hoofde van verschillen tussen commerciële en fiscale balanswaarderingen wordt een voorziening getroffen ter grootte van de som van deze verschillen vermenigvuldigd met het geldende belastingtarief. De voorziening voor latente belastingverplichtingen wordt gewaardeerd tegen nominale waarde.
De berekening van de latente belastingverplichtingen geschiedt tegen de belastingtarieven die op het einde van het verslagjaar geldende belastingtarieven of tegen de in de komende jaren geldende tarieven, voor zover reeds bij wet vastgesteld dan wel waartoe materieel reeds op balansdatum besloten is.
2.14 Schulden
Schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde, welke bij aanvang gelijk is aan de geamortiseerde kostprijs. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de schulden, worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. Indien er geen sprake is van (dis)agio is deze gelijk aan de nominale waarde.
Het verschil tussen de bepaalde boekwaarde en de uiteindelijke aflossingswaarde wordt op basis van de effectieve rente gedurende de geschatte looptijd van de schulden in de resultatenrekening als interestlast verwerkt.
2.15 Overlopende passiva
De overlopende passiva worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde en vervolgens tegen geamortiseerde kostprijs.
2.16 Leasing
DELA Natura heeft geen financial leasecontracten. Leaseovereenkomsten die niet kwalificeren als financiële lease, worden aangemerkt als operationele lease. Bij operationele leases worden de leasebetalingen lineair over de looptijd van de lease ten laste van het resultaat verwerkt.
2.17 Opbrengstverantwoording
2.17.1 Premieopbrengsten
De brutopremies bestaan uit de premies die door de polishouders zijn verschuldigd voor afgesloten verzekeringscontracten. De brutopremies exclusief belastingen en andere heffingen uit hoofde van verzekeringscontracten worden als opbrengst opgenomen wanneer deze verschuldigd zijn door de polishouder. Voor koopsomcontracten wordt de premie opgenomen als bate wanneer deze verschuldigd is, waarbij de eventuele kosten- en risicodekkingen worden uitgesteld en in het resultaat worden opgenomen in een constante verhouding tot de lopende verzekering.
2.17.2 Herverzekeringspremies
De herverzekeringspremies omvatten de premies uit hoofde van afgesloten herverzekeringscontracten. Deze worden als last opgenomen in de resultatenrekening.
2.18 Bedrijfskosten
2.18.1 Acquisitiekosten
Acquisitiekosten zijn de kosten die direct samenhangen met het afsluiten van verzekeringen, die afhankelijk zijn van en betrekking hebben op het verkrijgen van nieuwe of op verlenging van bestaande verzekeringscontracten. De acquisitiekosten bestaan uit aan derden betaalde provisies inzake verzekeringsproducten. De acquisitiekosten worden in mindering gebracht op de technische voorzieningen en in tien jaar afgeschreven ten laste van het resultaat. De jaarlijkse provisies worden gesaldeerd met de in het jaar teruggevorderde retourprovisies. De afschrijvingsperiode wordt periodiek beoordeeld. Indien van toepassing wordt de afschrijvingslast aangepast aan de kortere afschrijvingsperiode.
In de toereikendheidstoets wordt jaarlijks beoordeeld of de technische voorzieningen verminderd met geactiveerde acquisitiekosten en VOBA (Value of Business Acquired) toereikend is om met een grote mate van zekerheid aan de verplichtingen jegens polishouders te kunnen voldoen. Indien deze toets leidt tot de conclusie dat er geen sprake is van toereikendheid, worden in eerste instantie de geactiveerde acquisitiekosten voor zover nodig afgeschreven.
2.18.2 Beheerskosten
Beheerskosten zijn kosten niet zijnde acquisitiekosten, personeelskosten en afschrijvingen.
2.18.3 Personeelskosten
Lonen, salarissen en sociale lasten worden verwerkt in de resultatenrekening voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers en de belastingautoriteiten. In de volgende paragrafen worden de pensioenregelingen beschreven.
2.18.3.1 Pensioenregeling Nederland
De pensioenregeling van de Nederlandse groepsmaatschappijen bestaat uit een beschikbare premieregeling. Deelnemers bouwen een pensioenkapitaal op waarmee op het moment van pensionering een pensioenuitkering aangekocht dient te worden.
De belangrijkste kenmerken van deze regeling zijn:
- werkgever betaalt maandelijks per werknemer een premie aan de uitvoerder;
- het pensioengevend loon is 1,1666 keer het in de kalendermaand uitgekeerde fulltime maandloon, met een maximum op jaarbasis. (2025: € 137.800);
- de pensioengrondslag waarover de werkgever premie inlegt is het pensioengevend loon minus de franchise (2025: € 18.475);
- de pensioenpremie die betaald wordt aan de uitvoerder bedraagt voor iedereen die na 1 januari 2022 in dienst is gekomen 22 procent van de pensioengrondslag. Voor medewerkers die vóór 1 januari 2022 in dienst waren is de pensioenpremie die betaald wordt aan de uitvoerder gebaseerd op een leeftijdsstaffel met oplopende premiepercentages.
- Voor medewerkers die vanaf 1 januari 2022 in dienst zijn getreden geldt een eigen bijdrage van 6 procent van de pensioengrondslag. Voor medewerkers die vóór 1 januari 2022 in dienst waren bedraagt de eigen bijdrage van de werknemer 4,5 procent van de pensioengrondslag.
- de regeling leidt niet tot enige verplichting op balansdatum, met uitzondering van verplichtingen die ontstaan uit nog niet betaalde premies.
Voor deelnemers is tevens een nabestaandenpensioen verzekerd ter grootte van 1,16 procent van pensioengrondslag maal het aantal dienstjaren vanaf deelname aan de pensioenregeling tot aan de pensioenrichtdatum. Het wezenpensioen bedraagt 20 procent van het nabestaandenpensioen. Bij arbeidsongeschiktheid is er sprake van premievrijstelling voor de deelnemers. Daarnaast is een aanvullende arbeidsongeschiktheidsuitkering verzekerd waarvan de hoogte van de uitkering afhangt van de mate arbeidsongeschiktheid.
Op de Nederlandse pensioenregelingen zijn de bepalingen van de Nederlandse Pensioenwet van toepassing. Er worden door DELA Natura op verplichte, contractuele of vrijwillige basis premies aan verzekeringsmaatschappijen betaald. De premies worden verantwoord als personeelskosten zodra deze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen.
2.18.3.2 Pensioenregeling België
In België is sprake van een beschikbare premieregeling. Op het moment van pensionering heeft de deelnemer de keuze om het kapitaal eenmalig uit te laten betalen of om dit bedrag om te zetten in een periodieke pensioenuitkering. De belangrijkste kenmerken van deze pensioenregeling zijn:
- werkgever betaalt maandelijks een premie aan de uitvoerder;
- de premie bedraagt 4 procent van het referentieloon en 13 procent van het loon boven het referentieloon, verhoogd met 4,4 procent belasting;
- het referentieloon bedraagt 13,92 maal het bruto maandloon met een maximum van € 80.485.
Er is tevens een overlijdensverzekering voor de werknemer afgesloten waarbij de nabestaanden een overlijdenskapitaal ontvangen als de werknemer overlijdt vóór de einddatum. In geval van arbeidsongeschiktheid door ziekte, bevalling of een privé-ongeval, ontvangt de verzekerde een vervangingsinkomen.
2.18.3.3 Pensioenregeling Duitsland
In Duitsland worden de wettelijke pensioenpremies afgedragen middels de maandelijkse sociale verzekeringspremies. Er is geen aanvullend bedrijfspensioen.
2.18.4 Afschrijvingen
Immateriële en materiële vaste activa worden vanaf het moment van ingebruikname afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Op terreinen wordt niet afgeschreven. Indien een schattingswijziging plaatsvindt van de economische levensduur dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast. Boekwinsten en -verliezen uit de incidentele verkoop van materiële vaste activa zijn begrepen onder de bijzondere baten en lasten.
2.19 Andere baten en lasten
Onder de andere baten en lasten zijn de opbrengsten en kosten verantwoord die voortvloeien uit andere dan verzekerings- en beleggingsactiviteiten of een incidenteel karakter hebben.
2.20 Belastingen
De belasting over het resultaat wordt berekend over het resultaat voor belastingen in de resultatenrekening, rekening houdend met fiscaal compensabele verliezen (voor zover niet opgenomen in de latente belastingvorderingen) en vrijgestelde winstbestanddelen en na bijtelling van niet-aftrekbare kosten. Tevens wordt rekening gehouden met wijzigingen in het te hanteren belastingtarief.
Het management beoordeelt periodiek de in de belastingaangiften ingenomen standpunten in situaties waarin de belastingwetgeving ruimte laat voor interpretatie, en treft waar nodig voorzieningen voor bedragen die naar verwachting aan de lokale belastingdienst moeten worden betaald.
Met betrekking tot de wetgeving inzake Pillar 2 inkomstenbelastingen heeft DELA Groep gebruik gemaakt van de verplichte uitzondering op basis van RJ uiting 2023-14 inzake de verwerking van latente belastingvorderingen en -verplichtingen die verband houden met Pillar 2-winstbelastingen.
3. Risicoparagraaf
3.1 Solvabiliteitspositie
De solvabiliteitspositie van DELA Natura wordt op basis van het standaardmodel onder Solvency II bepaald. De normsolvabiliteit voor DELA Natura hebben wij vastgesteld op 150 procent.
De Solvency II-ratio is in 2025 gestegen als gevolg van ontwikkelingen in rente, inflatie en dekkingsgraad. Uit stresstesten bleek dat de solvabiliteitspositie robuust is, maar dat DELA Natura gevoelig is voor scenario’s met een lage rente en een lage inflatie.
3.1.1 Ontwikkeling solvabiliteitskapitaalvereiste
De samenstelling van het kapitaalvereiste is in de onderstaande grafiek weergegeven.
Samenstelling SCR
LAC-DT = Loss Absorbing Capacity of Deferred Taxes
De SCR nam toe, met name gedreven door marktrisico’s. Duidelijk is dat de verzekeringstechnische risico’s en de marktrisico’s de grootste risico’s zijn. De marktrisico’s zijn toegenomen, terwijl de verzekeringstechnische risico’s juist zijn gedaald. In paragraaf 3.2.1 wordt dit nader toegelicht.
3.1.2 Ontwikkeling kernvermogen
Het kernvermogen (dat is het eigen vermogen op de Solvency II-balans) is in 2025 gestegen doordat de technische voorzieningen in waarde zijn gedaald. Oorzaken daarvan zijn de gestegen rente en doordat in lijn met Solvency II meer kosten zijn toegerekend aan de dekkingsgraad. De samenstelling van het kernvermogen is in de onderstaande grafiek weergegeven (bedragen in € miljoen).
Samenstelling kernvermogen
Het kernvermogen is net als vorig jaar vrijwel geheel tier 1 kernvermogen. Alle bestanddelen van tier 1 staan volledig ter vrije beschikking van DELA.
3.2 Risicoprofiel
DELA Natura staat bloot aan strategische risico's, marktrisico's, verzekeringstechnische risico's, operationele risico's, integriteitsrisico's en reputatierisico's. In hoofdstuk governance van het directieverslag zijn de belangrijkste risicogebieden weergegeven. Tevens zijn in dit hoofdstuk de ontwikkelingen in 2025 ten aanzien van de belangrijkste risico’s opgenomen.
De verschillende risico’s worden in de onderstaande paragrafen nader toegelicht. Om de leesbaarheid te vergroten worden niet alle risico’s in detailniveau beschreven en zijn enkele risico’s samengevoegd.
Duurzaamheidsrisico’s manifesteren zich met name bij marktrisico’s en zijn onderdeel van de risicocategorieën die in de volgende paragrafen aan de orde komen.
Het kernvermogen is net als vorig jaar vrijwel geheel tier 1 kernvermogen. Alle bestanddelen van tier 1 staan volledig ter vrije beschikking van DELA.
3.2.1 Financiële risico's
Tot de financiële risico’s behoren marktrisico’s, verzekeringstechnische risico’s, kredietrisico en liquiditeitsrisico.
3.2.1.1 Marktrisico's
Het marktrisico is het risico op mogelijke verliezen door ongunstige ontwikkelingen op de financiële markten. De waarde van de beleggingen en de waarde van de verplichtingen hangen af van de ontwikkelingen op de financiële markten, de samenstelling van de beleggingsportefeuille en de kenmerken van de verzekeringsverplichtingen.
DELA Natura heeft het marktrisico in belangrijke mate gemitigeerd door haar winstdelingsregeling en premiemaatregel, maar ook door derivaten waarmee een deel van het valutarisico gemitigeerd wordt. DELA Natura hanteert met betrekking tot haar beleggingsbeleid het 'prudent person'-principe en periodiek worden volledige en/of partiële ALM-studies uitgevoerd om te toetsen of het beleggingsbeleid nog passend is.
In de onderstaande grafiek is de ontwikkeling van het marktrisico, gekwantificeerd op basis van het standaardmodel gepresenteerd (bedragen in € miljoen).
Ontwikkeling marktrisico
Het aandelenrisico nam toe door de stijging van het percentage dat moet worden aangehouden voor dit risico (de zogenoemde symmetrische aanpassing). De waarde van de winstdelingsoptie daalde, waardoor de mitigerende werking van de winstdeling afnam en alle marktrisico’s, inclusief renterisico, enigszins toenamen. Het valutarisico daalde daarentegen, doordat meer valutarisico op de Amerikaanse dollar werd afgedekt.
Marktrisico’s worden mede gedreven door klimaatveranderingen. Uit analyses van klimaatscenario’s blijkt dat de risico’s die klimaatverandering met zich meebrengt, kunnen leiden tot een enigszins hogere premiestijging. De solvabiliteit blijft in verschillende klimaatscenario’s overeind.
Er zijn voor marktrisico’s in 2025 geen overschrijdingen geweest van risicolimieten.
3.2.1.2 Verzekeringstechnische risico's
Het verzekeringstechnisch risico is het risico dat de omvang en het tijdstip van uitkeringen en/of kosten niet overeenstemmen met de verwachtingen. DELA Natura mitigeert het verzekeringstechnisch risico o.a. door winstdelingsregeling en de premiemaatregel maar ook door herverzekering, (medische) acceptatie en het continu aandacht hebben voor de kostenontwikkeling.
DELA Natura staat alleen bloot aan het levensverzekeringsrisico aangezien het alleen levensverzekeringen voert. De portefeuille van DELA Natura bestaat voor een belangrijk deel uit uitvaartverzekeringen. Hierbij worden aparte tarieven voor Nederland, België en Duitsland gebruikt. Deze tarieven zijn gebaseerd op de specifieke kenmerken en uitgangspunten (rekenrente, kosten, overlevingstafels) die in het betreffende land passend zijn. Jaarlijks wordt onderzocht of deze uitgangspunten passen bij de ontwikkeling van betreffende portefeuilles. De portefeuille is groot in aantal en omvang. Dat reduceert schommelingen in de resultaten.
Daarnaast voert DELA Natura in Nederland en Duitsland een tijdelijke overlijdensrisicoverzekering. De verzekerde kapitalen zijn hierbij aanzienlijk hoger dan bij de uitvaartverzekeringen. Voor deze portefeuille wordt gebruik gemaakt van herverzekering om de volatiliteit van de resultaten te beperken.
Tot slot voert DELA Natura in Nederland een spaarproduct. Het overlijdensrisico in deze portefeuille is beperkt tot 10 procent van de opgebouwde waarde.
In de grafiek hieronder is de opbouw van het verzekeringstechnisch risico grafisch weergegeven (bedragen in € miljoen).
Opbouw verzekeringstechnische risico
De verzekeringstechnische risico’s daalden per saldo, waarbij er diverse ontwikkelingen waren die resulteren in een wisselend beeld voor de onderliggende risico’s.
Alle verzekeringstechnische risico’s namen toe doordat de mitigerende werking van de winstdeling afnam als gevolg van de lagere optiewaarde van de winstdeling. Dit werd geheel of gedeeltelijk gecompenseerd doordat de technische voorzieningen daalden als gevolg van rentestijging, en daarmee daalde ook de exposure voor verzekeringstechnische risico’s. Door de gestegen rente is de samenstelling van de technische voorziening gewijzigd en daardoor nam het onnatuurlijk-vervalrisico af. Daarnaast daalde het kostenrisico doordat meer kosten zijn toegerekend aan de dekkingsgraad en daardoor de mitigerende werking van de winstdeling toenam voor kostenrisico.
Het standaardmodel bevat geen uitvaartkosteninflatierisico. Hoewel dit inflatierisico het risico van de polishouders is, is dit risico toch van belang aangezien een stijging van de uitvaartkosten direct leidt tot een premiestijging. DELA Natura streeft naar een goede dienstverlening aan leden tegen een zo laag mogelijke premie. In de ORSA wordt hier dan ook specifiek aandacht aan besteed. DELA Natura heeft in enige mate invloed op de ontwikkeling van de uitvaartkosteninflatie en volgt de ontwikkeling van de uitvaartkosteninflatie nauwgezet gedurende het jaar.
Er zijn voor verzekeringstechnische risico’s in 2025 geen overschrijdingen geweest van risicolimieten.
3.2.1.3 Kredietrisico
Kredietrisico (ook wel: tegenpartijkredietrisico) is het risico dat verliezen optreden door een onverwacht in gebreke blijven of een onverwachte verslechtering van de kredietwaardigheid van de tegenpartijen. Dit betreft met name vorderingen inzake hypotheken, herverzekeraars, derivaten en overige vorderingen op debiteuren. De omvang van het kredietrisico is in 2025 naar € 35 miljoen gedaald. Kredietrisico is geen materieel risico voor DELA Natura.
Er zijn voor kredietrisico in 2025 geen overschrijdingen geweest van risicolimieten.
3.2.1.4 Liquiditeitsrisico
Dit is het risico dat DELA Natura op enig moment niet aan haar financiële verplichtingen jegens polishouders of andere crediteuren kan voldoen, omdat activa niet snel genoeg verhandeld kunnen worden. Het liquiditeitsrisico wordt binnen Solvency II niet in een kapitaalseis (SCR) uitgedrukt. DELA Natura dient voldoende liquiditeiten ter beschikking te hebben om claims uit te kunnen betalen die voortvloeien uit de gesloten verzekeringsovereenkomsten, maar ook om de overige jaarlijkse lasten te kunnen betalen. DELA Natura heeft de mogelijkheid gebruik te maken van de kredietfaciliteiten bij de custodian van de aandelen en obligaties of een deel van de liquide beleggingen te verkopen. DELA Natura heeft gedurende 2025 voldaan aan haar financiële verplichtingen jegens polishouders en andere crediteuren.
Er zijn voor liquiditeitsrisico in 2025 geen overschrijdingen geweest van risicolimieten.
3.2.2 Operationele risico's
Naast de financiële risico’s kent DELA Natura ook operationele risico’s. Dit zijn risico’s die voortkomen uit invloeden van buitenaf, uit het falen van mensen, processen en systemen. Het aan te houden kapitaal voor operationele risico’s is in vergelijking met financiële risico’s beperkt en nam in 2025 enigszins toe.
Er zijn voor operationele risico’s in 2025 overschrijdingen geweest van risicolimieten op het gebied van uitbestedingen. Naar aanleiding hiervan heeft het verantwoordelijke management passende acties in gang gezet om de risico’s zo snel mogelijk naar het gewenste niveau te krijgen. Verder lopen enkele activiteiten voor de implementatie van DORA nog door in 2026.
Operationele risico’s doen zich voor op alle niveaus binnen de organisatie. Onderstaand wordt nader ingegaan op de belangrijkste operationele risicogebieden.
3.2.2.1 Interne en externe fraude
DELA Natura maakt onderscheid tussen interne en externe frauderisico’s. Interne fraude is fraude gepleegd door een medewerker van DELA Natura waarbij de medewerker ongeoorloofde activiteiten onderneemt om zichzelf te verrijken en DELA Natura benadeeld wordt. Hieronder vallen malversaties, onterechte onkostendeclaratie, moedwillig onjuiste urendeclaraties etc. Externe fraude is gepleegd door iemand van buiten DELA Natura (externe partijen, leveranciers, klanten etc.) waarbij ongeoorloofde activiteiten worden ondernomen waarmee DELA Natura mee wordt geconfronteerd. Een tweedelijns compliance manager is verantwoordelijk voor het fraudebeleid en het vergroten van awareness. De beheersmaatregelen voor frauderisico’s worden per kwartaal getoetst.
3.2.2.2 Werkomstandigheden en veiligheid
De risico’s die hieronder vallen, hebben betrekking op verliezen als gevolg van handelingen die niet in overeenstemming zijn met wetgeving op het gebied van werkomstandigheden, gezondheid of veiligheid of als gevolg van gebeurtenissen in verband met ongelijkheid of discriminatie.
3.2.2.3 Systeemfalen en procesmanagement
Dit betreffen risico’s op verstoringen van bedrijfsactiviteiten als gevolg van systeemfalen. Hiertoe behoren ook cyberrisico’s en informatiebeveiliging. Daarnaast zijn dit de risico’s waarbij sprake is van verliezen als gevolg van falende transactieverwerking of procesbeheer of als gevolg van relaties met leveranciers.
3.2.2.4 Financiële verslaggeving
Hieronder vallen risico's en onzekerheden die van invloed zijn op de betrouwbaarheid van de interne en externe financiële verslaggeving. Dit betreft onder andere onzekerheden en mate van subjectiviteit bij complexe waarderingen, risico’s van falen van financiële modellen en/of financiële administratiesystemen. Voor deze risico’s zijn beheersmaatregelen ingeregeld en die worden per kwartaal getoetst.
3.2.3 Integriteitsrisico's
Integriteitsrisico’s gaan gepaard met het gevaar voor aantasting van de reputatie of bestaande of toekomstige bedreiging van vermogen of resultaat als gevolg van ontoereikende naleving van hetgeen bij of krachtens enig wettelijk voorschrift is voorgeschreven. Binnen DELA Natura wordt dit risico in de basis gemonitord vanuit de compliance functie op basis van de thema’s in de systematische integriteitsrisicoanalyse (SIRA). Voor dit risico wordt geen kapitaal aangehouden.
De thema’s in SIRA zijn:
- Organisatie- en medewerkers integriteit: onder organisatie-integriteit vallen thema’s als governance en uitbesteding. Medewerkers integriteit heeft betrekking op de integriteit van de directie, het intern toezichthoudende orgaan en de interne en externe medewerkers. Onderwerpen die hiermee samenhangen zijn bijvoorbeeld pre- employmentscreeningen, vakbekwaamheid en belangenverstrengeling.
- Klant-ketenintegriteit: dit betreft zowel de integriteit van de klanten als het integere gedrag van de organisatie richting deze klanten. Daarnaast betreft het de integriteit van de keten waarin de onderneming opereert. Thema’s die hieronder vallen zijn bijvoorbeeld zorgplicht en bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering.
- Marktintegriteit: dit betreft de integriteit van de (financiële) markt(en). Mededinging en marktmisbruik maken hiervan onderdeel uit.
- Integriteit verwerking persoonsgegevens: dit betreft de integriteit van de data die binnen DELA Natura gebruikt worden (denk aan bewerking en beveiliging van persoonsgegevens).
- Fiscale integriteit: dit betreft de sub thema’s tax governance en transfer pricing, BTW, loonheffing en vennootschapsbelasting.
Er zijn voor integriteitsrisico’s in 2025 twee overschrijdingen geweest van risicolimieten. Deze lagen op het gebied van klant-ketenintegriteit en medewerkersintegriteit. Het verantwoordelijk management heeft passende acties in gang gezet om de risico’s zo snel mogelijk naar het gewenste niveau te krijgen.
3.2.4 Strategische risico's
Dit zijn onzekerheden die een belemmering kunnen vormen voor de implementatie van de langetermijnstrategie. Deze risico’s kunnen de buitenlandse expansie of het handhaven van het bedrijfsmodel met een winstdelingsambitie, belemmeren. Deze risico’s worden vooral ondervangen door een gedegen strategieproces. Dit proces wordt begeleid door externe consultants, waarop de rvc toezicht houdt. Bij de implementatie worden business cases gehanteerd om de benodigde investeringen te toetsen en beheersbaar te houden. Daarnaast wordt in de jaarlijkse ORSA geanalyseerd welke risico’s een potentiële bedreiging vormen voor de continuïteit van DELA Natura. Uit stresstesten bleek dat de solvabiliteitspositie robuust is, maar dat DELA Natura gevoelig is voor scenario’s met een lage rente en een lage inflatie. Indien nodig worden voorbereidende maatregelen getroffen of andere keuzes gemaakt. De belangrijkste randvoorwaarden en maatregelen zijn uitgewerkt in het kapitaalbeleid dat jaarlijks geëvalueerd wordt. Voor strategische risico’s wordt geen kapitaal aangehouden.
De externe ontwikkelingen die impact kunnen hebben op de strategie worden continu gemonitord en meegenomen in het lopende strategieproces.
Er zijn voor strategische risico’s in 2025 geen overschrijdingen geweest van risicolimieten.
3.2.5 Reputatierisico
Het reputatierisico is het risico op schade door reputatieverlies. Reputatieverlies kan optreden als gevolg van incidenten, gerelateerd aan de risicocategorieën die in het risicoprofiel zijn beschreven. Het reputatierisico wordt beheerst door het actief invulling geven aan reputatiemanagement, met als belangrijke pijler het incidentenmanagement. Hierbij worden mogelijke reputatierisico’s en de bijbehorende uitstralingseffecten tijdig geïdentificeerd en eventuele managementacties tijdig in gang gezet. Ook zijn de ondernemingscultuur en gewenste toon aan de top belangrijke pijlers om dit risico te mitigeren, ondersteund door opleidingsprogramma’s, de administratieve organisatie en interne beheersing. Voor reputatierisico wordt geen kapitaal aangehouden.
Er hebben zich in 2025 geen incidenten voorgedaan die onze reputatie significant hebben geschaad.
4. Toelichting op de balans
4.1 Immateriële vaste activa
Immateriële vaste activa, verloop
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari | 75.769 | 65.565 | |
| Investeringen | 17.490 | 19.253 | |
| Afschrijvingen | -12.143 | -9.049 | |
| Boekwaarde per 31 december | 81.116 | 75.769 | |
| Verkrijgingsprijzen | 164.775 | 149.865 | |
| Cumulatieve waardemutaties en afschrijvingen | -83.659 | -74.096 | |
| Boekwaarde per 31 december | 81.116 | 75.769 |
Immateriële vaste activa, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | Zelf ontwikkelde software | Aangekochte software | Overgenomen verzekerings-portefeuilles | Overig | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari 2025 | 21.737 | 45.029 | 8.390 | 613 | 75.769 |
| Investeringen | 6.132 | 11.358 | - | - | 17.490 |
| Afschrijvingen | -5.749 | -5.478 | -610 | -306 | -12.143 |
| Boekwaarde per 31 december 2025 | 22.120 | 50.909 | 7.780 | 307 | 81.116 |
| Verkrijgingsprijzen | 35.788 | 82.389 | 40.471 | 6.127 | 164.775 |
| Cumulatieve waardemutaties en afschrijvingen | -13.668 | -31.480 | -32.691 | -5.820 | -83.659 |
| Boekwaarde per 31 december 2025 | 22.120 | 50.909 | 7.780 | 307 | 81.116 |
De ten laste van het resultaat gebrachte kosten van ontwikkeling zijn gelijk aan de afschrijving van zelf ontwikkelde software ter grootte van € 5.749.
4.2 Beleggingen
DELA Natura beheert risicoposities met behulp van periodieke Asset & Liability Management (ALM)–studies met het doel op de lange termijn beleggingsresultaten te realiseren die de interestverplichtingen uit hoofde van verzekeringscontracten en deposito's overtreffen en daarnaast de winstdelingsambities zoveel mogelijk waarmaken. De belangrijkste beleggingsdoelstelling in het verzekeringsbedrijf is de maximalisatie van het beleggingsrendement binnen het toegestane risicokader.
4.2.1. Deelnemingen in groepsmaatschappijen en deelnemingen
Deelnemingen, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | Aandeel in geplaatst kapitaal | 31-12-2025 | 31-12-2024 |
|---|---|---|---|
| DELA US Investments B.V., Eindhoven | 100% | 607.235 | 673.143 |
| DELA Crematoria Groep B.V., Eindhoven | 100% | 344.833 | 338.264 |
| DELA Hypotheken B.V., Capelle a/d IJssel | 100% | 133.271 | 155.901 |
| DELA Vastgoed B.V., Eindhoven | 100% | 78.807 | 74.320 |
| DELA Vastgoed België N.V., Luik | 100% | 59.915 | 58.274 |
| Dela Enterprises N.V., Antwerpen | 100% | 1.720 | 1.720 |
| Boekwaarde per 31 december | 1.225.781 | 1.301.622 |
DELA Crematoria Groep B.V. en DELA Vastgoed België N.V. hebben onroerende zaken op de balans. In de waardebepaling van onroerende zaken zijn schattingen opgenomen. Daarom bestaat er een mate van onzekerheid in de waardering en dient er bij de waardering altijd met een bandbreedte rekening gehouden te worden. De nauwkeurigheid van een taxatie wordt geacht te liggen binnen een bandbreedte van 10 procent (+/ -) van de waarde.
DELA Vastgoed B.V. heeft ook onroerende zaken op de balans. De waarde van DELA Vastgoed B.V. is bepaald op basis van de onvoorwaardelijke verkoopovereenkomst die per 24-11-2025 is getekend. De levering zal in boekjaar 2026 plaatsvinden.
Deelnemingen, verloop
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari | 1.301.622 | 1.379.365 | |
| Resultaat deelneming | -23.841 | 41.935 | |
| Investeringen | - | 155.000 | |
| Dividend | -52.000 | -225.000 | |
| Desinvesteringen | - | -49.678 | |
| Boekwaarde per 31 december | 1.225.781 | 1.301.622 |
Leningen aan en vorderingen op groepsmaatschappijen, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 31-12-2025 | 31-12-2024 | |
|---|---|---|---|
| Rekeningcourant groepsmaatschappijen | |||
| - DELA Holding N.V., Eindhoven | 69.564 | 83.770 | |
| - DELA Vastgoed België N.V., Luik | 10.959 | 8.558 | |
| - DELA US Investments B.V., Eindhoven | 2.923 | ||
| - DELA Crematoria Groep B.V., Eindhoven | 2.240 | 5.867 | |
| - DELA Holding Belgium N.V., Antwerpen | 256 | ||
| Totaal | 85.942 | 98.195 |
Over het gemiddeld saldo van deze rekening-courantverhoudingen wordt 3,8 procent rente berekend. Omtrent aflossing en zekerheden is niets geregeld.
4.2.2 Overige financiële beleggingen
Overige financiële beleggingen, verloop
| Bedragen x € 1.000 | Eindstand 2024 | Aankopen | Verkopen en aflossingen | Herwaar-deringen | Eindstand 2025 |
|---|---|---|---|---|---|
| Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren | 2.156.410 | 1.582.709 | -1.660.478 | 235.616 | 2.314.257 |
| Obligaties en andere vastrentende waardepapieren | 2.699.085 | 960.892 | -826.386 | -90.305 | 2.743.286 |
| Derivaten | - | - | -219.442 | 231.156 | 11.714 |
| Vorderingen uit hypothecaire leningen | 951 | - | -96 | - | 855 |
| Vorderingen uit andere leningen | 252.031 | 143.966 | -123.561 | -5.684 | 266.752 |
| Vastgoedfondsen | 1.371.938 | 81.402 | -129.472 | 2.794 | 1.326.662 |
| Infrastructuurfondsen | 1.034.135 | 170.895 | -8.048 | -30.627 | 1.166.355 |
| Land- en bosbouwfondsen | 334.320 | 26.201 | - | -5.889 | 354.632 |
| Hypotheekfondsen | 411.385 | 236.521 | - | -10.254 | 637.652 |
| Beleggingen in liquide middelen | 57.694 | 45.532 | -63.298 | - | 39.928 |
| Andere financiële beleggingen | 84.609 | 69.300 | -7.194 | 4.703 | 151.418 |
| Totaal | 8.402.558 | 3.317.418 | -3.037.975 | 331.510 | 9.013.511 |
Overige financiële beleggingen, waarderingen
| Bedragen x € 1.000 | Balans- waarde |
Kostprijs | Markt- waarde |
||
|---|---|---|---|---|---|
| Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren | 2.314.257 | 1.956.562 | 2.314.257 | ||
| Obligaties en andere vastrentende waardepapieren | 2.743.286 | 2.831.141 | 2.743.286 | ||
| Derivaten | 11.714 | - | 11.714 | ||
| Vorderingen uit hypothecaire leningen | 855 | 855 | 855 | ||
| Vorderingen uit andere leningen | 266.752 | 249.713 | 266.752 | ||
| Vastgoedfondsen | 1.326.662 | 1.398.102 | 1.326.662 | ||
| Infrastructuurfondsen | 1.166.355 | 1.063.368 | 1.166.355 | ||
| Land- en bosbouwfondsen | 354.632 | 339.037 | 354.632 | ||
| Hypotheekfondsen | 637.652 | 681.974 | 637.652 | ||
| Beleggingen in liquide middelen | 39.928 | 39.928 | 39.928 | ||
| Andere financiële beleggingen | 151.418 | 140.754 | 151.418 | ||
| Totaal | 9.013.511 | 8.701.434 | 9.013.511 |
In februari 2024 heeft een herstructurering plaatsgevonden binnen de beleggingen van DELA Natura, waarbij administratief alle aandelen, obligaties en leningen zijn verkocht en opnieuw aangekocht. Een gevolg daarvan is dat de oorspronkelijke kostprijzen niet meer beschikbaar zijn in de systemen. De hierboven opgenomen kostprijzen zijn gebaseerd op de marktwaarde van de aandelen, obligaties en leningen op het moment van de herstructurering. Het betreffen liquide beleggingen en daardoor op elk moment verhandelbaar tegen marktprijzen. Aangezien de
waardering op basis van marktwaarde plaatsvindt, is de toegevoegde waarde van het toelichten van historische kostprijzen beperkt.
Niet-afgedekte valutaposities
| Bedragen x € 1.000 | 31-12-2025 | 31-12-2024 | |
|---|---|---|---|
| Amerikaanse dollar | 319.024 | 1.268.471 | |
| Zuid-Koreaanse won | 192.477 | 139.305 | |
| Britse pond | 159.207 | 143.395 | |
| Nieuwe Taiwanese dollar | 140.187 | 80.236 | |
| Japanse yen | 124.513 | 121.410 | |
| Indiase roepie | 107.489 | 91.836 | |
| Australische dollar | 107.309 | 97.029 | |
| Mexicaanse peso | 89.760 | 84.193 | |
| Zweedse kroon | 86.346 | 40.946 | |
| Canadese dollar | 80.278 | 73.196 | |
| Overig | 618.322 | 719.208 | |
| Totaal | 2.024.912 | 2.859.224 |
Aandelen en obligaties
Alle aandelen en obligaties zijn beursgenoteerd.
De modified duration is een maat voor de rentegevoeligheid. De modified duration van de obligaties en andere leningen bedraagt gemiddeld 4,7 (2024: 4,7).
Aandelen, geografisch verdeeld
| 31-12-2025 | 31-12-2024 | ||
|---|---|---|---|
| Noord-Amerika | 35,3% | 36,9% | |
| Azië-Pacific | 34,0% | 33,7% | |
| Europa | 26,0% | 25,3% | |
| Midden-Oosten | 2,5% | 2,4% | |
| Latijns-Amerika | 2,2% | 1,8% | |
| Totaal | 100,0% | 100,0% |
Aandelen, verdeling naar sector
| 31-12-2025 | 31-12-2024 | ||
|---|---|---|---|
| Informatie Technologie | 22,5% | 21,4% | |
| Financiële instellingen | 20,9% | 21,2% | |
| Industrie | 13,9% | 12,1% | |
| Luxe consumentengoederen | 10,5% | 12,3% | |
| Gezondheidszorg | 8,8% | 8,6% | |
| Communicatiediensten | 7,0% | 7,4% | |
| Grondstoffen | 4,6% | 3,6% | |
| Consumptiegoederen | 4,3% | 5,3% | |
| Energie | 3,2% | 3,9% | |
| Nutsbedrijven | 2,3% | 1,8% | |
| Vastgoed | 2,0% | 2,4% | |
| Totaal | 100,0% | 100,0% |
Vastrentende waardepapieren, verdeling naar rating
| 31-12-2025 | 31-12-2024 | ||
|---|---|---|---|
| AAA | 24,4% | 26,6% | |
| AA | 12,0% | 12,9% | |
| A | 6,9% | 6,6% | |
| BBB | 19,4% | 17,9% | |
| < BBB | 27,2% | 29,4% | |
| Overige | 10,1% | 6,5% | |
| Totaal | 100,0% | 100,0% |
Derivaten
De waardering van de derivaten (valutatermijn contracten) vindt plaats op basis van de ‘mark-to-model’ benadering. De gemiddelde resterende looptijd van deze contracten per 31 december 2025 bedraagt 67 dagen.
Per 31 december 2024 hadden de derivaten een negatieve waarde van € 95,5 miljoen en zijn deze op de balans gerubriceerd onder de overlopende passiva.
Vastgoedfondsen
De vastgoedfondsen zijn niet-beursgenoteerd. De waardering van de vastgoedfondsen betreft de reële waarde, waarbij de DCF-methode is gehanteerd. Deze waardering wordt van de fondsmanagers overgenomen en betreft de waarderingsmethode die ook gebruikt wordt bij het verhandelen van eigendomsstukken. De waardering voldoet aan algemene aanvaardbare waarderingsmethodes. Deze waardering wordt uitgevoerd door een externe taxateur/waardeerder. Van de meeste fondsen ontvangen wij een ISAE3402 Type II rapport of equivalent daarvan. Van alle vastgoedfondsen wordt een controleverklaring, indien nog niet beschikbaar een statusupdate van de audit, van de onafhankelijke accountant bij de waardering of jaarrekening ontvangen voordat de jaarrekening van DELA Natura is vastgesteld. Hiermee bestaat er voldoende zekerheid over de betrouwbaarheid van de door fondsmanagers verantwoorde waarderingen, er blijft echter in beperkte mate sprake van schattingsonzekerheden die van nature aanwezig zijn bij de door het fonds gehouden investeringen.
Infrastructuurfondsen en land- en bosbouwfondsen
De infrastructuurfondsen en land- en bosbouwfondsen zijn niet-beursgenoteerd. De waardering van de fondsen betreft de reële waarde en wordt van de fondsmanagers overgenomen. Bij waardering van de fondsen is de DCF-methode gehanteerd. Bij de waardering van de fondsen worden de lokale boekhoudstandaarden gehanteerd. Vastgesteld is dat deze standaarden slechts marginaal van elkaar afwijken. De waardering wordt uitgevoerd door een externe taxateur/waardeerder. We ontvangen van de meeste fondsen een ISAE3402 Type II rapport of equivalent daarvan. De controleverklaring van de onafhankelijke accountant bij de waardering of jaarrekening van de fondsen, indien nog niet beschikbaar een statusupdate van de audit, wordt voor een aantal fondsen pas ontvangen nadat de jaarrekening van DELA Natura is vastgesteld. Analyse heeft uitgewezen dat er voldoende zekerheid bestaat over de betrouwbaarheid van de door fondsmanagers verantwoorde waarderingen, er blijft echter in beperkte mate sprake van schattingsonzekerheden die van nature aanwezig zijn bij de door het fonds gehouden investeringen.
Hypotheekfonds
Het hypothekenfonds is niet-beursgenoteerd en bestaat uit investeringen in niet-NHG hypotheken. De waardering van het hypothekenfonds betreft de reële waarde en wordt van de fondsmanagers overgenomen. Bij de waardering van het hypothekenfonds is de DCF-methode gehanteerd. Het fonds past lokale boekhoudstandaarden toe die door DELA geëvalueerd worden op toepasbaarheid binnen de eigen waarderingsgrondslagen. De waardering wordt intern uitgevoerd en getoetst door de externe accountant van het fonds. We ontvangen een ISAE3402 Type II rapport daarvan. De controleverklaring van de onafhankelijke accountant bij de jaarrekening van het fonds wordt ontvangen voordat de jaarrekening van DELA Natura is vastgesteld. Analyse heeft uitgewezen dat er voldoende zekerheid bestaat over de betrouwbaarheid van de verantwoorde waarderingen, er blijft echter in beperkte mate sprake van schattingsonzekerheden die van nature aanwezig zijn bij door het fonds gehouden investeringen.
Andere financiële beleggingen
De onder de Andere financiële beleggingen opgenomen bedragen hebben betrekking op belangen in niet-beursgenoteerde participatiemaatschappijen en een leningenfonds. De waarde van het leningenfonds bedraagt ultimo 2025 € 150,1 miljoen (2024: 73,3 miljoen).
De marktwaarde van participatiemaatschappijen is gebaseerd op de DCF-methode.
Het leningenfonds is niet-beursgenoteerd en bestaat uit investeringen in bedrijfsleningen. De waardering van het leningenfonds betreft de reële waarde en wordt van de fondsmanagers overgenomen. Bij de reële waardering van het leningenfonds zijn de standaarden gehanteerd die aansluiten bij IFRS. DELA heeft vastgesteld dat deze standaarden slechts marginaal afwijken van de DELA-grondslagen. De waardering wordt uitgevoerd door een externe waardeerder. We ontvangen van het fonds een ISAE3402 Type II rapport. Voordat de jaarrekening van DELA Natura is vastgesteld ontvangt DELA in ieder geval een controleverklaring van de onafhankelijke accountant waarmee er voldoende zekerheid bestaat over de betrouwbaarheid van de verantwoorde waarderingen, er blijft echter in beperkte mate sprake van schattingsonzekerheden die van nature aanwezig zijn bij door het fonds gehouden investeringen.
Beleggingen in liquide middelen
Beleggingen in liquide middelen hebben betrekking op vorderingen en schulden die direct verband houden met de beleggingsportefeuilles met een afgegeven mandaat aan de vermogensbeheerder.
Securities lending
DELA Natura leent aandelen en obligaties uit. Om het risico voor DELA Natura te beperken, dienen de leners hiervoor onderpand (collateral) te storten. Hierbij is cash-collateral niet toegestaan en aan de lenende partijen worden strenge eisen gesteld. Om het risico verder te beperken worden de volgende aanvullende restricties opgelegd:
- alleen tegenpartijen met een rating van minimaal A- volgens S&P;
- onderpand alleen staatsobligaties van OECD-landen met een rating van minimaal AA- volgens S&P;
- de marktwaarde van het onderpand dient minimaal 102 procent te bedragen van de marktwaarde van de uitgeleende effecten;
- aandelen op onze engagementlijst worden niet uitgeleend. Engagement is het proces waarbij actief gebruik gemaakt wordt van rechten als aandeelhouder.
De marktwaarde van de uitgeleende stukken per 31-12-2025 bedraagt € 190,7 miljoen (2024: € 182,3 miljoen). De waarde van het onderpand bedraagt € 198,2 miljoen (2024: € 188,4 miljoen). De opbrengst van uitgeleende stukken bedraagt € 0,5 miljoen (2024: € 0,4 miljoen).
4.3 Vorderingen
4.3.1 Vorderingen uit directe verzekeringen
Door de omvang en spreiding van de bedrijfsactiviteiten van DELA Natura is het kredietrisico uit hoofde van vorderingen uit directe verzekeringen slechts in beperkte mate geconcentreerd. Naast de gebruikelijke voorziening voor dubieuze vorderingen (€ 0,9 miljoen) is geen aanvullende voorziening voor kredietrisico gevormd.
4.3.2 Overige vorderingen
Overige vorderingen, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 31-12-2025 | 31-12-2024 | |
|---|---|---|---|
| Latente belastingvorderingen | 106.767 | 128.682 | |
| Vennootschapsbelasting | 4.881 | 35.941 | |
| Belastingen en premies sociale verzekeringen | 624 | 12.006 | |
| Overige vorderingen | 19.468 | 18.826 | |
| Totaal | 131.740 | 195.455 |
De overige vorderingen hebben een looptijd van korter dan een jaar met uitzondering van de latente belastingvorderingen. De boekwaarde van deze vorderingen is een redelijke benadering van de reële waarde.
Op de latente belastingposities wordt (waar mogelijk) saldering toegepast. In de tabel hieronder is een specificatie gegeven van de verschillende latente posities die gezamenlijk gepresenteerd zijn op de actiefzijde van de balans, waarbij als gevolg van saldering ook negatieve bedragen in zijn opgenomen. Dit betreft per saldo een latente belastingvordering op de Nederlandse fiscus.
Latente belastingvorderingen, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 31-12-2025 | 31-12-2024 | |
|---|---|---|---|
| Inzake andere fiscale waardering van: | |||
| - technische voorziening | 92.876 | 93.161 | |
| - verliesverrekening | 73.903 | 66.352 | |
| - eerste kosten | 49.808 | 45.703 | |
| - effecten | -70.936 | -30.309 | |
| - onroerende zaken | -29.185 | -48.848 | |
| - overig | -9.699 | 2.623 | |
| Totaal | 106.767 | 128.682 |
De latente belastingvorderingen hebben overwegend een langlopend karakter. Bij de waardering van de verlieslatentie wordt de realiseerbaarheid van de post getoetst middels projecties van toekomstige fiscale winsten. In deze toekomstprojecties zitten schattingsrisico's. Deze risico's zitten voornamelijk binnen de schattingen van toekomstige beleggingsresultaten en toekomstige winstdelingen. De te verrekenen bronbelasting (€ 5,5 miljoen) is opgenomen onder verliesverrekening.
4.4 Materiële vaste activa
Materiële vaste activa, verloop
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari | 349 | 473 | |
| Investeringen | 78 | 102 | |
| Afschrijvingen | -164 | -226 | |
| Boekwaarde per 31 december | 263 | 349 | |
| Verkrijgingsprijzen | 1.611 | 1.533 | |
| Cumulatieve waardemutaties en afschrijvingen | -1.348 | -1.184 | |
| Boekwaarde per 31 december | 263 | 349 |
De materiële vaste activa betreffen inventaris en computers.
4.5 Liquide middelen
De liquide middelen bestaan hoofdzakelijk uit banktegoeden en staan ter vrije beschikking.
4.6 Overlopende activa
De overlopende activa bestaan uit lopende rente en huur en vooruitbetaalde bedragen.
4.7 Eigen vermogen
Eigen vermogen, verloop
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari (o.b.v. jaarrekening 2024) | 914.892 | ||
| Effect aanpassing vergelijkende cijfers jaarrekening 2025 | -7.647 | ||
| Boekwaarde per 1 januari (na aanpassing) | 1.087.764 | 907.245 | |
| Resultaat na belastingen | 115.247 | 178.857 | |
| Uitgekeerd dividend | -44.600 | - | |
| Overige mutaties | 1 | 1.663 | |
| Boekwaarde per 31 december | 1.158.412 | 1.087.764 |
Voorgesteld wordt het resultaat na belastingen van € 115,2 miljoen toe te voegen aan de overige reserves. Vooruitlopend op de vaststelling door de algemene vergadering is deze resultaatbestemming reeds in de jaarrekening verwerkt.
4.7.1 Gestort en opgevraagd aandelenkapitaal
Het maatschappelijk (145.210 stuks) en geplaatst kapitaal (29.498 stuks) van de onderneming bedroeg per 31 december 2025 respectievelijk € 14.521.000 en € 2.950.000.
4.7.2 Agioreserve
De agioreserve is ontstaan bij de aandelenuitgifte boven de nominale waarde en betreft dus een vrije reserve.
4.7.3 Herwaarderingsreserve
Herwaarderingsreserve, verloop
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Stand per 1 januari | 480.407 | 376.082 | |
| Toevoegingen | 31.837 | 118.569 | |
| Onttrekkingen | -110.781 | -14.244 | |
| Stand per 31 december | 401.463 | 480.407 |
4.7.4 Wettelijke en statutaire reserves
Wettelijke en statutaire reserves, verloop
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Stand per 1 januari | 23.826 | 28.766 | |
| Investering intern ontwikkelde softwaresystemen | 13.884 | - | |
| Afschrijvingen intern ontwikkelde softwaresystemen | -5.749 | - | |
| Overige mutaties | - | -4.940 | |
| Stand per 31 december | 31.961 | 23.826 |
Ter hoogte van de geactiveerde kosten van intern ontwikkelde softwaresystemen is een wettelijke reserve gevormd. Deze bedraagt per eind 2025 € 22,1 miljoen. De rest van de wettelijke reserves komen voort uit dochtermaatschappijen van DELA Natura.
4.7.5 Overige reserves
Overige reserves, verloop
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari (o.b.v. jaarrekening 2024) | 432.205 | ||
| Effect aanpassing vergelijkende cijfers jaarrekening 2025 | -7.647 | ||
| Boekwaarde per 1 januari (na aanpassing) | 505.692 | 424.558 | |
| Uit bestemming resultaat boekjaar | 115.247 | 178.857 | |
| Uitgekeerd dividend | -44.600 | - | |
| Van (naar) herwaarderingsreserve inzake waardemutatie beleggingen zonder frequente marktnotering | 78.944 | -104.326 | |
| Van (naar) wettelijke reserve inzake geactiveerde kosten intern ontwikkelde software | -8.135 | 4.940 | |
| Overige mutaties | 1 | 1.663 | |
| Stand per 31 december | 647.149 | 505.692 |
4.8 Technische voorzieningen
Technische voorzieningen, verloop
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari | 8.590.166 | 8.031.706 | |
| - Uit premie | 601.078 | 578.879 | |
| - Interest | 220.581 | 204.959 | |
| - Winstdeling | 264.826 | 281.247 | |
| - Uitkeringen | -287.304 | -267.699 | |
| - Deelpremie voor overlijden | -219.561 | -205.458 | |
| - Onttrekking voor kosten | -19.085 | -18.921 | |
| - Overige mutaties | 10.477 | -4.132 | |
| - Geactiveerde acquisitiekosten | -7.195 | -10.415 | |
| Boekwaarde per 31 december | 9.153.983 | 8.590.166 |
Nagenoeg de totale technische voorziening is als langlopend te beschouwen. De modified duration van de technische voorziening bedraagt 34,3.
Het aandeel van herverzekeraars in de technische voorzieningen en de uitkeringen waartoe DELA Natura uit hoofde van haar herverzekeringscontracten gerechtigd is, worden in mindering gebracht op de bruto technische voorzieningen. In 2025 zijn de herverzekeringscontracten die leidden tot een herverzekerde technische voorziening omgezet in een nieuw contract. Bij het nieuwe contract is geen sprake van een herverzekerde voorziening verzekeringsverplichtingen en daarom is deze komen te vervallen. Deze is onderdeel van de overige mutaties.
De voorzieningen voor het levenrisico zijn in beginsel gebaseerd op tariefgrondslagen en dat zijn doorgaans bevolkingssterfetafels, een vaste rekenrente en kostenparameters voor eerste en doorlopende kosten.
Technische voorzieningen, specificatie 2025
| Bedragen x € 1.000 | Jaarpremie | Verzekerd kapitaal | Opgebouwd saldo | Voorziening verzekerings-verplichtingen | Aantal verzekerden |
|---|---|---|---|---|---|
| Uitvaartverzekering | 696.725 | 34.305.476 | - | 8.707.451 | 5.049.199 |
| Spaarverzekering | 32.263 | 449.078 | 408.253 | 408.253 | 45.669 |
| Overlijdensrisicoverzekering | 67.659 | 48.755.900 | - | 151.819 | 511.526 |
| Winstdeling en kortingen | 20.236 | ||||
| Geactiveerde acquisitiekosten | -133.776 | ||||
| Totaal | 796.648 | 83.510.454 | 408.253 | 9.153.983 | 5.606.394 |
Technische voorzieningen, specificatie 2024
| Bedragen x € 1.000 | Jaarpremie | Verzekerd kapitaal | Opgebouwd saldo | Voorziening verzekerings-verplichtingen | Aantal verzekerden |
|---|---|---|---|---|---|
| Uitvaartverzekering | 666.447 | 32.771.957 | - | 8.160.935 | 5.015.698 |
| Spaarverzekering | 34.144 | 455.390 | 414.003 | 414.003 | 48.305 |
| Overlijdensrisicoverzekering | 65.274 | 46.545.305 | - | 137.990 | 512.239 |
| Herverzekering | -15.670 | ||||
| Winstdeling en kortingen | 19.489 | ||||
| Geactiveerde acquisitiekosten | -126.580 | ||||
| Totaal | 765.865 | 79.772.652 | 414.003 | 8.590.167 | 5.576.242 |
Geactiveerde acquisitiekosten, verloop
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari | 126.580 | 116.165 | |
| Geactiveerd | 26.621 | 27.685 | |
| Afgeschreven | -19.425 | -17.270 | |
| Boekwaarde per 31 december | 133.776 | 126.580 |
Op de technische voorziening in mindering gebrachte acquisitiekosten betreft betaalde provisies in België en Duitsland.
4.8.1 Toereikendheidstoets
De toereikendheidstoets betreft een toets van de technische voorziening waarbij wordt aangetoond dat deze toereikend is om met een grote mate van zekerheid aan de verplichtingen jegens polishouders te kunnen voldoen. De toets houdt in dat de balansvoorziening verminderd met hiermee verband houdende toegerekende acquisitiekosten en VOBA (Value of Business Acquired) wordt vergeleken met een voorziening die rekening houdt met actuele inschattingen van alle toekomstige kasstromen en met toekomstige ontwikkelingen. In deze kasstromen zijn de verwachte toekomstige winstdeling en premiemaatregel begrepen. Bij deze actuele schatting zijn onzekerheidsmarges in acht genomen zoals voorgeschreven in Richtlijn 605 van de Raad voor de Jaarverslaggeving.
Indien deze actuele schatting lager uitkomt dan de aanwezige technische voorziening, kan gesteld worden dat de aanwezige balansvoorziening toereikend is om de toekomstige verplichtingen jegens de polishouders te voldoen.
Jaarlijks wordt deze toereikendheidstoets op de totale portefeuille verzekeringsverplichtingen uitgevoerd. Een eventueel tekort wordt onmiddellijk ten laste van de resultatenrekening gebracht door in eerste instantie de toekomstige winstmarges in overgenomen portefeuilles af te boeken, eventueel gevolgd door een afboeking van de toegerekende acquisitiekosten en vervolgens voor zover noodzakelijk een aanvullende voorziening te treffen. Afboekingen op toegerekende acquisitiekosten of toekomstige winstmarges in overgenomen portefeuilles als gevolg van deze toets worden in latere jaren niet meer teruggenomen. In het verleden zijn er geen afboekingen geweest.
Veronderstellingen toereikendheidstoets
| Disconteringsvoet | Gebaseerd op door EIOPA gepubliceerde rentetermijnstructuur, waarbij rekening is gehouden met de Ultimate Forward Rate (UFR) per 31 december 2025. |
| Winstdeling | Er is sprake van volledige winstdeling indien de dekkingsgraad, ofwel de marktwaarde van de beleggingen uitgedrukt in procenten van de marktwaarde van de reeds toegekende verplichtingen, hoger is dan 210%. Indien de dekkingsgraad 120% of lager is, dan is er geen winstdeling. Tussen 120% en 210% is de winstdeling naar evenredigheid. |
| Premiemaatregel | Indien zowel de 20-jaars swaprente volgens de hierboven omschreven rentetermijnstructuur lager is dan 1% en als de dekkingsgraad lager is dan 120%, wordt er een extra premieverhoging gevraagd. De extra premieverhoging bereikt de maximale waarde bij een rente van - 1%. |
| Verwachte sterfte | Gebaseerd op de prognosetafel 2024 van het Koninklijk Actuarieel Genootschap voor Nederland, de prognosetafel 2020 van het Instituut van de Actuarissen in België voor België en de sterftetafel 2008T van de Deutschen Aktuarvereinigung voor Duitsland. De sterftekansen uit deze bevolkingstafels zijn gecorrigeerd op basis van portefeuillestatistieken |
| Onnatuurlijk verval | Ervaringskansen per homogene risicogroep op basis van de eigen portefeuille |
| Kosten | De kosten per dekking zijn bepaald op basis van de begroting 2026 en beleggingskosten die passen bij de verwachte beleggingsmix in 2026 |
| Garanties | Reële waarde |
Het totaal van de technische voorzieningen laat bij de uitgevoerde toereikendheidstoets per ultimo 2025 op actuele waarde een overwaarde van € 2,9 miljard (2024: 2,1 miljard) zien. De stijging ten opzichte van vorig jaar komt door een aanpassing in de dekkingsgraad aan de Solvency II-rekenregels en stijging van de rentecurve. De uitkomsten van de toereikendheidstoets zijn op het niveau van DELA Natura (inclusief het Belgische en Duitse bijkantoor) uitgevoerd.
4.9 Voorzieningen
Voorzieningen, verloop
| Bedragen x € 1.000 | Voorziening latente belastingen | Voorziening ambtsjubilea | Totaal |
|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari 2025 | 11.505 | 647 | 12.152 |
| Dotatie | - | 207 | 207 |
| Onttrokken | -11.505 | - | -11.505 |
| Boekwaarde per 31 december 2025 | - | 854 | 854 |
De voorzieningen hebben overwegend een langlopend karakter.
Op de latente belastingposities wordt (waar mogelijk) saldering toegepast. In de tabel hieronder is een specificatie gegeven van de verschillende latente posities die gezamenlijk gepresenteerd zijn op de passiefzijde van de balans, waarbij als gevolg van saldering ook negatieve bedragen in zijn opgenomen. Dit betreft de latente belastingpositie met de Belgische fiscus.
Voorziening latente belastingen, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 31-12-2025 | 31-12-2024 | |
|---|---|---|---|
| Inzake andere fiscale waardering van: | |||
| - verliesverrekening voorgaande jaren | - | -4.804 | |
| - eerste kosten België | - | 16.309 | |
| Totaal | - | 11.505 |
4.10 Depot van herverzekeraars
In 2025 zijn de herverzekeringscontracten omgezet in 1 nieuw contract. Door deze omzetting is het depot vervallen. Over het depot werd een rente vergoed van 3 procent tot 4,5 procent per jaar.
Depot herverzekeraars, verloop
| Bedragen x € 1.000 | 31-12-2025 | 31-12-2024 | |
|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari | 7.945 | 6.939 | |
| Stortingen | - | 1.006 | |
| Omzetting herverzekeringscontract | -7.945 | - | |
| Boekwaarde per 31 december | - | 7.945 |
4.11 Schulden
Schulden uit directe verzekering ontstaan wanneer polishouders premie vooruitbetalen.
De boekwaarde van de schulden is een redelijke benadering van de reële waarde.
Overige schulden, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 31-12-2025 | 31-12-2024 | |
|---|---|---|---|
| Crediteuren | 5.575 | 5.196 | |
| Vennootschapsbelasting | 315 | 1.162 | |
| Pillar 2 belasting | -11 | 1.269 | |
| Schulden aan groepsmaatschappijen | 170.445 | 172.805 | |
| Te betalen BTW | 858 | 154 | |
| Te betalen belastingen en sociale premies | 2.957 | 3.670 | |
| Geldleningen | 2.500 | 2.500 | |
| Overige | 2.537 | 2.161 | |
| Totaal | 185.176 | 188.917 |
De geldleningen hebben een looptijd langer dan 5 jaar. Alle andere schulden hebben een looptijd korter dan een jaar. De rente op de geldlening van € 2,5 miljoen bedraagt 2% per jaar.
Schulden aan groepsmaatschappijen, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 31-12-2025 | 31-12-2024 | |
|---|---|---|---|
| Rekeningcourant groepsmaatschappijen | |||
| - DELA Vastgoed B.V. | 40.373 | 16.257 | |
| - DELA Holding N.V. | 16.173 | 10.712 | |
| - DELA Hypotheken B.V. | 3.862 | 18.419 | |
| - DELA Enterprises NV | 2.628 | 3.172 | |
| - DELA Holding Belgium N.V. | 376 | 2.605 | |
| - DELA US Investments B.V. | - | 17.213 | |
| 63.412 | 68.378 | ||
| Leningen van groepsmaatschappijen | |||
| - DELA Depositofonds B.V. | 94.033 | 91.427 | |
| - DELA Vastgoed België N.V. | 13.000 | 13.000 | |
| 107.033 | 104.427 | ||
| Totaal | 170.445 | 172.805 |
4.12 Overlopende passiva
Overlopende passiva, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 31-12-2025 | 31-12-2024 | |
|---|---|---|---|
| Vooruitontvangen huren | 103 | 47 | |
| Nog te betalen overige schulden | 8.782 | 7.297 | |
| Te betalen vakantiedagen | 503 | 484 | |
| Te betalen vakantiegeld | 897 | 928 | |
| Te betalen 13e maand | 429 | 384 | |
| Derivaten | - | 95.515 | |
| Totaal | 10.714 | 104.655 |
De overlopende passiva hebben een looptijd korter dan een jaar. De boekwaarde van de overlopende passiva is een redelijke benadering van de reële waarde.
4.13 Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen
4.13.1 Garantiestelling terrorisme
Uit hoofde van het deelnemen in de Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschaden N.V. bestaat een voorwaardelijke verplichting van terreurschaden voor een bedrag van maximaal € 2,6 miljoen. Er heeft zich in het boekjaar geen terreurschade binnen deze overeenkomst voorgedaan.
4.13.2 Meerjarige financiële verplichtingen
(Meerjarige) financiële verplichtingen
| Bedragen x € 1.000 | Korter dan één jaar | Tussen één en vijf jaar | Langer dan vijf jaar |
|---|---|---|---|
| Huurverplichtingen | 186 | 2.230 | 4.274 |
| Leaseverplichtingen | 366 | 794 | - |
4.13.3 Kredietfaciliteiten
DELA Natura heeft een kredietfaciliteit bij Northern Trust met een maximum van € 100 miljoen of 10 procent van de waarde van de effecten die in bewaring zijn gegeven. Het onderpand bestaat uit de effecten die bij Northern Trust in bewaring liggen. Het verschuldigde rentepercentage betreft het ESTER-rentetarief plus een opslag van 1,25%.
4.13.4 Investeringsverplichting
DELA Natura heeft in 2025 nieuwe overeenkomsten gesloten om € 75 miljoen en $ 350 miljoen te investeren in infrastructuurfondsen. Ultimo 2025 zijn de resterende investeringsverplichtingen met diverse tegenpartijen € 88,2 miljoen en $364,7 miljoen (per balansdatum omgerekend € 310,0 miljoen).
DELA Natura heeft in 2025 een nieuwe overeenkomst gesloten om € 50 miljoen te investeren in vastgoedfondsen. Ultimo 2025 zijn de resterende investeringsverplichtingen € 50 miljoen.
DELA Natura heeft in 2025 een nieuwe overeenkomst gesloten om € 25 miljoen te investeren in land- en bosbouwfondsen. Ultimo 2025 zijn de resterende investeringsverplichtingen met diverse tegenpartijen € 60,8 miljoen en $ 40,8 miljoen (per balansdatum omgerekend € 34,7 miljoen).
4.13.5 Fiscale eenheid
DELA Natura maakt deel uit van een Nederlandse fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting (VPB) en voor de omzetbelasting (OB). Iedere vennootschap binnen de fiscale eenheid is hoofdelijk aansprakelijk voor de verschuldigde belastingen.
4.14 Gebeurtenissen na balansdatum
Op 9 januari 2026 heeft DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. al haar aandelen in DELA Vastgoed B.V. verkocht en geleverd.
5. Toelichting op de resultatenrekening
5.1 Verdiende premies eigen rekening
Van de totale brutopremies in 2025 bestaat € 7,5 miljoen uit koopsommen (2024: € 6,7 miljoen).
Verdiende premies eigen rekening, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Nederland | 510.459 | 492.148 | |
| België | 181.501 | 173.130 | |
| Duitsland | 82.545 | 68.663 | |
| Totaal | 774.505 | 733.941 |
5.2 Beleggingsresultaten
De netto beleggingsresultaten bestaan uit de volgende items van de resultatenrekening:
Specificatie netto beleggingsresultaten
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Beleggingsopbrengsten | 684.980 | 1.204.946 | |
| Ongerealiseerde winst op beleggingen | 83.241 | 10.343 | |
| Gerealiseerd verlies op beleggingen | -190.253 | -605.014 | |
| Ongerealiseerd verlies op beleggingen | - | - | |
| Beheerskosten en rentelasten | -23.339 | -30.572 | |
| Totaal | 554.629 | 579.703 |
Gerealiseerde en ongerealiseerde netto beleggingsresultaten, specificatie 2025
| Bedragen x € 1.000 | Beleggings-opbrengsten | Gerealiseerd verlies | Ongerealiseerd resultaat | Beheerskosten en rentelasten | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Deelnemingen (a) | -23.841 | - | - | - | -23.841 |
| Overige financiële beleggingen (b): | |||||
| - Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren | 291.819 | -163.271 | 160.372 | -7.637 | 281.283 |
| - Obligaties en andere vastrentende waardepapieren | 112.835 | -20.345 | -85.514 | -5.782 | 1.194 |
| - Derivaten | 123.924 | - | 107.232 | - | 231.156 |
| - Vorderingen uit hypothecaire leningen | 34 | - | - | - | 34 |
| - Vorderingen uit andere leningen | 18.237 | -6.066 | -983 | -1.771 | 9.417 |
| - Vastgoedfondsen | 100.609 | - | -56.279 | -573 | 43.757 |
| - Infrastructuurfondsen | 38.334 | - | -31.679 | -447 | 6.208 |
| - Land- en bosbouwfondsen | 2.841 | - | -4.514 | -178 | -1.851 |
| - Hypotheekfondsen | 12.205 | - | -10.253 | - | 1.952 |
| - Andere financiële beleggingen | 7.983 | -571 | 4.859 | -6.951 | 5.320 |
| 708.821 | -190.253 | 83.241 | -23.339 | 578.470 | |
| Netto beleggingsresultaat (a) + (b) | 684.980 | -190.253 | 83.241 | -23.339 | 554.629 |
Gerealiseerde en ongerealiseerde netto beleggingsresultaten, specificatie 2024
| Bedragen x € 1.000 | Beleggings-opbrengsten | Gerealiseerd verlies | Ongerealiseerd resultaat | Beheerskosten en rentelasten | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Deelnemingen (a) | 42.684 | - | - | - | 42.684 |
| Overige financiële beleggingen (b): | |||||
| - Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren | 883.913 | -387.120 | -128.369 | -6.249 | 362.175 |
| - Obligaties en andere vastrentende waardepapieren | 145.921 | -178.554 | 184.523 | -4.855 | 147.035 |
| - Derivaten | 1.949 | -29.879 | -109.614 | -42 | -137.586 |
| - Vorderingen uit hypothecaire leningen | 36 | - | - | - | 36 |
| - Vorderingen uit andere leningen | 31.000 | -9.461 | 5.237 | -1.294 | 25.482 |
| - Vastgoedfondsen | 47.845 | - | -9.665 | -855 | 37.325 |
| - Infrastructuurfondsen | 31.546 | - | 29.886 | -438 | 60.994 |
| - Land- en bosbouwfondsen | 5.428 | - | 18.260 | -3.105 | 20.583 |
| - Hypotheekfondsen | 8.784 | - | 13.869 | 323 | 22.976 |
| - Andere financiële beleggingen | 5.840 | - | 6.216 | -14.057 | -2.001 |
| 1.162.262 | -605.014 | 10.343 | -30.572 | 537.019 | |
| Netto beleggingsresultaat (a) + (b) | 1.204.946 | -605.014 | 10.343 | -30.572 | 579.703 |
Resultaat Deelnemingen, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| DELA Crematoria Groep B.V., Eindhoven | 17.569 | 3.309 | |
| DELA Vastgoed B.V., Eindhoven | 4.486 | -2.772 | |
| DELA Hypotheken B.V., Capelle a/d IJssel | 3.370 | 5.963 | |
| DELA Vastgoed België N.V., Luik | 1.641 | 857 | |
| DELA US Investments B.V., Eindhoven | -50.907 | 34.577 | |
| DELA Investment Belgium N.V., Antwerpen | 750 | ||
| Totaal | -23.841 | 42.684 |
Ongerealiseerde resultaten geven de wijzigingen van de marktwaarde in het boekjaar weer van de beleggingen (inclusief valuta-effecten) die op balansdatum in bezit zijn. Alle overige beleggingsopbrengsten worden toegerekend aan de gerealiseerde beleggingsopbrengsten.
Directe en indirecte netto beleggingsresultaten, specificatie 2025
| Bedragen x € 1.000 | Direct | Indirect | Totaal | ||
|---|---|---|---|---|---|
| Deelnemingen (a) | - | -23.841 | -23.841 | ||
| Overige financiële beleggingen (b): | |||||
| - Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren | 45.667 | 235.616 | 281.283 | ||
| - Obligaties en andere vastrentende waardepapieren | 91.499 | -90.305 | 1.194 | ||
| - Derivaten | - | 231.156 | 231.156 | ||
| - Vorderingen uit hypothecaire leningen | 34 | - | 34 | ||
| - Vorderingen uit andere leningen | 15.101 | -5.684 | 9.417 | ||
| - Vastgoedfondsen | 40.963 | 2.794 | 43.757 | ||
| - Infrastructuurfondsen | 36.835 | -30.627 | 6.208 | ||
| - Land- en bosbouwfondsen | 4.038 | -5.889 | -1.851 | ||
| - Hypotheekfondsen | 12.206 | -10.254 | 1.952 | ||
| - Andere financiële beleggingen | -1.523 | 6.843 | 5.320 | ||
| 244.820 | 333.650 | 578.470 | |||
| Netto beleggingsresultaat (a) + (b) | 244.820 | 309.809 | 554.629 |
Directe en indirecte netto beleggingsresultaten, specificatie 2024
| Bedragen x € 1.000 | Direct | Indirect | Totaal | ||
|---|---|---|---|---|---|
| Deelnemingen (a) | 42.684 | - | 42.684 | ||
| Overige financiële beleggingen (b): | |||||
| - Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren | 46.007 | 316.168 | 362.175 | ||
| - Obligaties en andere vastrentende waardepapieren | 78.615 | 68.420 | 147.035 | ||
| - Derivaten | -42 | -137.544 | -137.586 | ||
| - Vorderingen uit hypothecaire leningen | 36 | - | 36 | ||
| - Vorderingen uit andere leningen | 19.844 | 5.638 | 25.482 | ||
| - Vastgoedfondsen | 32.191 | 5.134 | 37.325 | ||
| - Infrastructuurfondsen | 31.107 | 29.887 | 60.994 | ||
| - Land- en bosbouwfondsen | 2.323 | 18.260 | 20.583 | ||
| - Hypotheekfondsen | 9.107 | 13.870 | 22.977 | ||
| - Andere financiële beleggingen | -6.773 | 4.772 | -2.001 | ||
| 212.415 | 324.605 | 537.020 | |||
| Netto beleggingsresultaat (a) + (b) | 255.099 | 324.605 | 579.704 |
Onder directe beleggingsresultaten worden alle ontvangen rente, huur- en dividendopbrengsten verstaan minus alle beleggingskosten. Alle resultaten, zowel gerealiseerd als niet-gerealiseerd, die ontstaan als gevolg van marktwaardemutaties worden toegerekend aan de indirecte beleggingsopbrengsten.
5.3 Uitkeringen eigen rekening
Uitkeringen eigen rekening, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Uitkering bij overlijden | 72.145 | 66.270 | |
| Uitvaartkosten | 181.897 | 170.713 | |
| Expiratie | 40.102 | 27.752 | |
| Uitkering pensioenverzekeringen | 11 | 11 | |
| Kapitaaluitkeringen | 88.834 | 81.840 | |
| Uitkeringen royementen | 536 | 541 | |
| Afkopen | 38.897 | 51.659 | |
| Bruto uitkeringen | 422.422 | 398.786 | |
| Herverzekerde uitkeringen | -9.172 | -3.753 | |
| Uitkeringen eigen rekening | 413.250 | 395.033 |
5.4 Acquisitiekosten
Acquisitiekosten, specifatie
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Toegerekende acquisitiekosten personeel | 26.094 | 25.265 | |
| Toegerekende acquisitiekosten overig | 31.704 | 32.851 | |
| Directe acquisitiekosten | 31.176 | 31.825 | |
| Geactiveerde acquisitiekosten | -26.620 | -27.685 | |
| Afschrijving acquisitiekosten | 19.425 | 17.270 | |
| Totaal | 81.779 | 79.526 |
De toegerekende acquisitiekosten personeel en overig betreft indirecte acquisitiekosten die worden bepaald op basis van interne kostenmodellen. Deze toegerekende acquisitiekosten zijn gestegen voornamelijk door inflatie. De stijging van de directie acquisitiekosten komt door de nog altijd groeiende Duitse verzekeringsportefeuille. Als gevolg hiervan is ook de jaarlijkse afschrijving gegroeid.
5.5 Beheers-, personeelskosten en afschrijvingen
Beheers-, personeelskosten en afschrijvingen, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Gebouw- en inventariskosten | 561 | 630 | |
| Autokosten | 779 | 804 | |
| IT-kosten | 8.199 | 2.682 | |
| Advieskosten | 10.971 | 9.350 | |
| Kantoorkosten | 7.185 | 7.176 | |
| Doorbelastingen | 87.333 | 86.152 | |
| Salariskosten | 25.319 | 25.133 | |
| Sociale lasten | 5.410 | 5.144 | |
| Pensioenlasten | 2.992 | 2.894 | |
| Kosten uitbesteed werk | 9.307 | 8.265 | |
| Overige personeelskosten | 1.882 | 1.670 | |
| Reclamekosten | 15.408 | 15.144 | |
| Personeelskosten gereclassificeerd naar acquisitiekosten | -26.094 | -25.265 | |
| Overige kosten gereclassificeerd naar acquisitiekosten | -31.704 | -32.851 | |
| Overige kosten | -963 | -495 | |
| Totaal | 116.585 | 106.433 |
Op de IT-kosten is de activering van softwarekosten van € 11,6 miljoen (2024: € 12,8 miljoen) in mindering gebracht. De gemaakte kosten zitten in de doorbelastingen aangezien deze kosten in DELA Holding N.V. gemaakt worden.
5.6 Andere baten en lasten
Andere lasten, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Afschrijving immateriële vaste activa | 916 | 917 | |
| Dotatie jubileumvoorziening | 207 | 38 | |
| Overige lasten | 12 | 253 | |
| Totaal | 1.135 | 1.208 |
5.7 Belastingen resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening
Belastingen, specificatie
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Verschuldigde vennootschapsbelasting verslagjaar | -27.173 | -3.777 | |
| Voorgaande jaren | -175 | 5.462 | |
| Acute vennootschapsbelasting | -27.348 | 1.685 | |
| Latente vennootschapbelasting | -17.214 | 5.072 | |
| Vennootschapsbelasting | -44.562 | 6.757 | |
| Pillar 2 belasting | 788 | -1.269 | |
| Totaal | -43.774 | 5.488 |
Het nominale belastingtarief in 2025 bedraagt in Nederland 25,8 procent (2024: 25,8 procent), in België 25 procent (2024: 25 procent) en voor Duitsland wordt rekening gehouden met het geldende nominale tarief van 30 procent (2024: 30 procent). Aangezien in Duitsland slechts beperkt belastbaar resultaat wordt bepaald, zorgt dit voor slechts een geringe afwijking tussen het toepasselijke tarief en de effectieve belastingdruk.
Vennootschapsbelasting, toelichting
| Bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor belastingen | 159.021 | 173.369 | |
| Nominaal belastingpercentage | 25,8% | 25,8% | |
| Nominaal belastingbedrag | -41.027 | -44.729 | |
| Vennootschapsbelasting voorgaande jaren | -175 | 5.462 | |
| Effect deelnemingsvrijstelling | -2.880 | 34.071 | |
| Fiscale verschillen | -480 | 11.953 | |
| Totaal | -44.562 | 6.757 |
De effectieve belastingdruk wijkt af van het nominale tarief. Door belangen van meer dan 5 procent in beleggingsfondsen ontstaan hierop deelnemingsvrijstellingen. De fiscale verschillen zien voornamelijk toe op afschrijvingen op goodwill en gemengde kosten die fiscaal niet gevolgd worden. Het effectieve belastingtarief over 2025 bedraagt 28,0 procent (2024: 4,0 procent).
Pillar 2
DELA Natura heeft gebruik gemaakt van de verplichte uitzondering op basis van RJ uiting 2023-14 inzake de verwerking van latente belastingvorderingen en -verplichtingen die verband houden met Pillar 2-winstbelastingen.
Per 1 januari 2024 is de wetgeving inzake Pillar 2 inkomstenbelastingen van kracht. Volgens deze wetgeving is het moederbedrijf verplicht om in Nederland dan wel in het buitenland een aanvullende belasting te betalen als het effectief belastingtarief in een land minder dan 15 procent bedraagt. De belangrijkste rechtsgebieden van DELA Natura waarin blootstellingen aan deze belasting kunnen bestaan, zijn Nederland, België en Duitsland. Over 2025 is geen Pillar 2 belasting verschuldigd. De verantwoorde positie in 2025 heeft betrekking op een correctie op voorgaand boekjaar.
5.8 Organische analyse
In de organische analyse wordt het resultaat van de technische rekening en het resultaat voor belasting uitgesplitst naar winstbronnen.
Organische analyse
| Bedragen x € 1.000.000 | 2025 | 2024 | |
|---|---|---|---|
| Resultaat op sterfte en invaliditeit | 71,0 | 60,4 | |
| Resultaat op afkoop en mutaties | 18,7 | 19,8 | |
| Resultaat op kosten | -0,5 | 3,2 | |
| Resultaat op interest | 284,8 | 321,7 | |
| Overig technisch resultaat | 1,5 | -2,7 | |
| Resultatendeling | -264,8 | -281,2 | |
| Resultaat technische rekening | 110,7 | 121,2 | |
| Beleggingsresultaat eigen vermogen | 49,4 | 53,0 | |
| Overig resultaat | -1,1 | -1,2 | |
| Resultaat voor belasting | 159,0 | 173,0 |
De bepaling van de opbrengsten uit beleggingen voor technische of niet-technische rekening vindt plaats aan de hand van de ratio eigen vermogen/vreemd vermogen.
5.9 Beloning directie en commissarissen
De bezoldiging van de statutaire directieleden kent enkel een vaste component en wordt volledig in geld uitgekeerd. De directieleden ontvangen geen representatievergoeding noch aandelen of opties. Tot en met 2023 kende de bezoldiging van de directieleden ook een variabele component. Deze variabele beloning (van maximaal 20 procent) werd voor 60 procent onvoorwaardelijk uitgekeerd en voor 40 procent voorwaardelijk. De retentieperiode voor het voorwaardelijke deel bedraagt drie jaar en daarom volgt er nog tot 2027 een uitkering van het voorwaardelijke deel. Dit deel wordt volledig in geld uitgekeerd.
De bezoldiging van statutaire directieleden in het boekjaar bedroeg aan vaste beloning € 882 duizend (2024: € 914 duizend), aan uitgekeerde variabele beloning € 10 duizend (2024: € 91 duizend) en aan bijdrage pensioenen € 173 duizend (2024: € 171 duizend).
De bezoldiging van de commissarissen (van DELA Coöperatie U.A., DELA Holding N.V. en DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. gezamenlijk) in het boekjaar bedroeg € 276 duizend (2024: € 224 duizend).
De bezoldiging van zowel de statutaire directieleden als de commissarissen wordt door DELA Coöperatie U.A. betaald en niet doorbelast aan DELA Natura. Ook DELA Holding N.V. belast als bestuurder geen bezoldiging door aan DELA Natura.
De bezoldiging voldoet aan De Wet beloningsbeleid financiële ondernemingen.
5.10 Accountantshonoraria
DELA Natura maakt gebruik van de vrijstelling op grond van artikel 2:382a lid 3 BW waardoor zij de honoraria niet hoeft op te geven.
5.11 Gemiddeld aantal werknemers
Gedurende 2025 had DELA Natura gemiddeld 770 (2024: 744) werknemers in dienst, waarvan 612 in Nederland (2024: 587), 100 in België (2024: 104) en 58 in Duitsland (2023: 53).
Ondertekening
Eindhoven, 22 april 2026
DELA Natura- en levensverzekeringen N.V.
De directie
Sandra Schellekens
Godelieve van Velsen
De raad van commissarissen
John van der Steen, voorzitter
Hans Leenaars, vicevoorzitter
Frits van Bree, secretaris
Maurine Alma
Georgette Fijneman
Georges de Méris